Vicky Galle (23) uit Hamme behoort tot de minderheid van eliterensters die een ‘echte’ job combineert met het wielrennen. Noodgedwongen diende ze zich tot voor kort te beperken tot kermiskoersen, waar ze als individueel renster aan deelnam. Recent zette ze de stap naar een ambitieus clubteam en vervoegde ze de geel-zwarte kleuren Velopro-EGS Group.


Ruben Van Gucht
“Ik ben eerder het verlegen type”, vertelt Galle. “Ik hou me in een groep eerder op de achtergrond en zal zelden het ene woord luider dan het andere uitspreken. In het verleden reed ik bij Hoop Op Zegen, het Beverse wielerteam van Gaston Pieters. Gaston en de hele crew waren prima mensen en de ondersteuning was echt wel in orde, maar toch kon ik er moeilijk aarden. Dus reed ik vanaf het seizoen 2025 als individuele renster. Tot ik een aantal weken geleden werd gecontacteerd door sportdirecteur Klaas Vonck van Velopro-EGS Group.”
“Zij zochten versterking omdat een aantal rensters de stap naar een profcontract had kunnen zetten. Ik heb toen even getwijfeld maar mijn nieuwsgierigheid won het van mijn bescheidenheid. Ik wilde wel eens zien hoe het eraan toe gaat in UCI-wedstrijden, ik wilde wel eens weten wat ik op dat niveau waard ben. En dus zegde ik toe. Enkele dagen later stond ik aan de start van de GP Immo Zone, een 1.1. UCI-wedstrijd in Schellebelle.” Intussen voelt ze zich al helemaal thuis in het team en omgekeerd wordt ze in het team al erg geapprecieerd.
Bij de ploegenpresentatie voor de start in Wetteren, stond ze er nog wat onwennig bij. Ruben Van Gucht praatte die presentatie aan elkaar en toevallig stond Galle het dichtst bij de presentator en dus kreeg ze meteen de microfoon onder de neus geduwd. Van Gucht vond het best amusant dat Galle nét die dag haar debuut maakte. “Dat was voor een timide persoon als ik toch wel een ervaring. Geïnterviewd worden door zo’n BV….”

Vicieuze cirkel
Even later in de koers ging het snoeihard en door tal van valpartijen brak het peloton regelmatig in stukken. “Ik ben sowieso al geen wringer en laat me in een peloton vaak achteruitzetten, maar in dergelijke topwedstrijden is het nog veel erger. Daar wordt echt tot op de millimeter gereden en geremd. Daar moet ik echt nog aan wennen. Ik ben in mijn wielercarrière niet gespaard gebleven van valpartijen en dus slaat de schrik me soms om het hart. Ik ga dus rapper in de remmen dan iemand anders en zo raak ik snel in de laatste gelederen van het peloton. Opschuiven doe ik dan langs het peloton. Vol in de wind, wat veel krachten kost. Krachten die ik later in de wedstrijd dan soms ontbreek.”
Niettegenstaande de Hamse kinesiste uit een wielerfamilie komt – vader Marc en nonkel Dirk koersten – koos Vicky Galle eerst voor het zwemmen. Tot het 6e middelbaar deed ze aan competitiezwemmen. Ze had een behoorlijk niveau, maar op 17-jarige leeftijd merkte ze dat ze haar tijden niet meer kon verbeteren, dat ze tegen haar limieten zat. “In maart 2019 kocht ik me een tweedehandsfiets. Een maand later reed ik al mijn 1e koers. Ik kon die direct uitrijden, wat toch onverhoopt goed was. Maar in mijn 3e wedstrijd ben ik zwaar gevallen. Daar heb ik echt een schrik gepakt, want na mijn wederoptreden viel ik nog 3 of 4 keer. Het werd een vicieuze cirkel. Door te vallen werd ik onzeker, waardoor ik nog meer ging vallen. Pas op het einde van het seizoen werd ik weer beter. Ik combineerde dat jaar het wielrennen nog met zwemmen, maar liet vanaf dan mijn badpak in de kast.”

Knechten
“Ik keek dus uit naar het seizoen 2020 waar ik als 2e jaars juniore hoopte een stap vooruit te kunnen zetten. Maar door corona waren er dat seizoen geen wedstrijden. 2021 startte goed, want ik kon de overgang naar de elite best goed verteren. Maar in mei 2021 kreeg ik zelf corona. Ik nam wat rust, maar toen ik terug in competitie kwam, moest ik telkens in de de openingsronde lossen. Dat was me niet eerder gebeurd. Heel het seizoen was ik heel slecht. Na diverse onderzoeken bleek dat ik inspanningsastma had gekregen door die corona. Zelfs in 2022 speelde me dat nog parten. Het werd een lange zoektocht naar de juiste medicatie. Ik studeerde intussen ook Revalidatiewetenschappen en Kinesitherapie aan de UGent, waardoor ik uiteraard ook niet optimaal kon trainen.”
“Nog was mijn lijdensweg niet voorbij. In de winter van ‘22-‘23 ben ik zwaar gevallen en kreeg een ontsteking van de pees aan de heup. Dankzij shockwave-therapie is dat finaal onder controle geraakt. Eigenlijk ben ik pas sinds 2024 weer echt op de goeie weg. Enkel bij warm weer speelt die inspanningsastma nog op. Vorig jaar ben ik dan afgestudeerd als kinesiste. In oktober kon ik starten in de multidisciplinaire groepspraktijk ‘In beweging’ in Hamme. Ik werk 4/5e en krijg voldoende flexibiliteit om de combinatie met mijn sport toch een beetje haalbaar te maken.”
Gevraagd naar haar ambities en talent moet de jonge kinesiste even nadenken: “Voor mij is het momenteel een groot avontuur waar ik met volle teugen van proef. Ik kijk er naar uit om in Brasschaat op het BK samen met een ster als Lotte Kopecky aan de start te staan. Voorlopig focus ik op koersen uitrijden. Als ik nog wat sterker word en meer ervaring op doe, zou ik eerder een renster zijn die voor de ontsnapping gaat. Ik ben namelijk niet explosief. Tijdrijden doe ik ook graag. En als ik echt mag dromen van ooit prof te worden, dan zie ik mezelf eerder in een helpende rol.”