De 5e Tour is binnen. Daar kan straks ook een 3e wereldtitel en de Vuelta bijkomen. Voor Tadej Pogačar begint nu misschien wel de moeilijkste uitdaging. Bij de meeste renners is winnen hun drijfveer, maar wat als winnen stilaan normaal wordt? Die vraag draait niet meer over prestatie, maar over motivatie.


Roubaix als laatste puzzelstuk
Tadej Pogačar koerst niet langer tegen zijn concurrenten. Steeds vaker rijdt hij tegen de geschiedenis. Dit seizoen 2026 vinkte hij alweer een reeks doelen af: een 5e Tourzege, Milaan-Sanremo en de Zwitserse rittenkoersen van een week. Straks haalt hij misschien nog de Vuelta en een 3e opeenvolgende regenboogtrui binnen. Plots rest dan enkel Parijs-Roubaix als het laatste ontbrekende puzzelstukje in het wegwielrennen.
Hoe blijf je hongerig als je bijna alles al hebt gewonnen? Het is een vraag die veel verder reikt dan de koers alleen. Sportpsychologen kennen dit fenomeen al langer. Niet zelden beschrijven Olympische kampioenen de periode na hun grootste succes als verrassend moeilijk. Niet omdat de overwinning tegenvalt, maar omdat ze zich stuurloos voelen omdat het doel wegvalt dat ze jarenlang nastreefden.
Drive ontstaat door doelen te stellen die uitdagend en haalbaar tegelijk zijn. Iets wat net binnen je bereik ligt, maar wel hard werk en doorzetting vraagt. Motivatie verdwijnt gelukkig meestal niet na een grote overwinning, ze verandert van vorm. Pogačar herdefinieerde zijn definitie van succes doorheen zijn carrière: van die 1e Tour tot de dominantie van vandaag. Tot succes uiteindelijk niet langer bepaald wordt door de uitslag, maar door de vraag of er nog iets nieuws te leren valt.
Sporters kunnen hun succes op 2 manieren definiëren. Bij een prestatie-oriëntatie draait het om het behalen van resultaten of beter te presteren dan anderen. Een mastery-oriëntatie gaat dan weer over persoonlijke groei en beter zijn dan gisteren. In het begin van een carrière vallen beide vaak samen. Bij uitzonderlijke kampioenen ontstaat een interessante verschuiving: wanneer iedereen erkent dat je de beste bent, verliest de vergelijking met anderen geleidelijk zijn kracht. Misschien verklaart dat waarom uitzonderlijke kampioenen steeds minder tegen hun concurrenten rijden en steeds vaker tegen hun eigen mogelijkheden.


Zelfdeterminatietheorie
De Sloveen lijkt op zoek naar dat ‘meesterschap’. We zien dat hij blijft aanvallen wanneer dat niet strikt noodzakelijk is. We zien dat hij bewust voor moeilijke uitdagingen kiest. Waar winnen een plafond kent, geldt dat niet voor meesterschap. Resultaten kan je afvinken, zelfontwikkeling is een einddoel dat je nooit helemaal bereikt. Ook wanneer een renner zijn concurrenten domineert, blijft er altijd ruimte om zijn techniek, tactiek of vaardigheden te verfijnen.
Wie wil begrijpen waar mensen hun motivatie halen, komt automatisch uit bij de zelfdeterminatietheorie. Volgens dat model wordt onze motivatie gevoed door 3 psychologische basisbehoeften: competentie, autonomie en verbondenheid. Die laatste gaan over het gevoel dat je eigen keuzes maakt en deel uitmaakt van iets groter dan jezelf. Competentie betekent voor een jonge prof misschien ooit de Tour winnen, voor Pogačar wordt de vraag eerder waar hij zichzelf nog kan ontwikkelen. Daar past Parijs-Roubaix perfect in. Niet alleen omdat die overwinning ontbreekt, maar omdat ze nieuwe vaardigheden vraagt.
Toppers zoeken voortdurend naar aspecten die nog beter kunnen. Niet omdat ze ontevreden zijn, maar omdat verbeteren zelf betekenis geeft. Misschien zien we de wereldkampioen zich wel richten op het offroad gebeuren. Waar kan hij anders nog nieuwe leerkansen vinden? Pogačar die met Tom Pidcock strijdt om de Olympische mountainbiketitel in LA, het zou zomaar kunnen.


Mentor Tadej
Veel topsporters bouwen hun identiteit op rond winnen, maar uitzonderlijke kampioenen verbreden hun rol vaak. Ze worden dan niet alleen winnaars, maar figuren die hun sport veranderen. Zoals de 2-voudige wereldkampioen die de manier van koersen helemaal omgooide. Tegenwoordig kan je niet langer je krachten sparen om je winstkansen te verhogen, maar woekeren toppers ermee zodat de besten zeker boven komen drijven.
We zagen deze Tour misschien wel de kiem voor een nieuwe rol voor de Sloveen, die hem kan helpen om gemotiveerd te blijven. Op Plateau de Solaison probeerde hij Isaac del Toro richting het podium en de ritoverwinning te dragen, om dat op de Col de Sarenne te herhalen. Wie weet haalde het team uit de Emiraten Del Toro niet naar de Tour om in dienst te rijden voor zijn kopman, maar als leerling om de meester te blijven prikkelen.
Waar Pogačar vorig jaar 2025 in de slotweek vermoeid oogde, lijkt hij deze Tour opvallend frisser. Niet omdat hij een nieuwe tegenstander vond, maar omdat hij zijn motivatie niet uitsluitend lijkt te koppelen aan de uitslag. Misschien schuilt daarin wel de grootste uitdaging voor uitzonderlijke kampioenen. Niet blijven winnen, maar blijven groeien wanneer winnen alleen niet langer volstaat.