
Net als de afgelopen jaren begon Manon Bakker haar veldritseizoen aan de andere kant van de Atlantische Oceaan. Met 6 overwinningen in 8 Amerikaanse crossen kende de Nederlandse een uitstekende reis. Ondertussen voelt de Amerikaanse modder als een 2e thuis voor haar. In het Gelderse Heerde, haar eigen thuiscross, deed ze ondanks een jetlag én een mindere dag volop mee om het podium. Daarmee overtrof ze haar eigen verwachtingen ruimschoots.


Thuis in Amerika
Al een paar seizoenen op rij steekt Bakker met plezier de Atlantische Oceaan over voor een reeks Amerikaanse crossen. “Ik denk dat dat komt omdat ik een vrij exotisch persoon ben in vergelijking met de rest”, vertelt ze over haar afwijkende seizoensplanning. “Als iedereen links gaat, ga ik meestal rechts. Het is ver weg, maar altijd een mooie reis. Het is belangrijk dat deze wedstrijden er zijn. Cross is meer dan alleen België en Nederland. Als niemand daarheen gaat, blijven die crossen niet lang meer bestaan.”
Mede door de steeds schaarser ingevulde kalender vroeg in het Belgische seizoen, is september voor haar de ideale maand om elders te crossen. “Iedereen kan de USCX-serie rijden zonder 1 wedstrijd te missen in België”, rekent Bakker voor. “Ik zou zeggen, waarom niet?” Vervolgens vervolgt ze serieuzer. “Voorheen begon de cross hier in september. Dat was voor ons voltijds crossers wel fijn, want zo heb je nog een beetje een robuust seizoen. Nu is de kerstperiode nu echt te veel, daar moet wel naar gekeken worden. Maar dat je vroeg in het seizoen elders moet crossen, vind ik niet erg. En ik zou andere rensters ook aanraden dat te doen!”
Dit jaar reed Bakker 8 wedstrijden in de States, maar ze had er het liefst nog eentje extra afgewerkt. “Ik wilde eigenlijk starten in een regionale cross in Baltimore, maar de UCI verbiedt je om als top 20-renster een regionale wedstrijd te rijden”, verklaart ze. “Toen stond ik daar in de regen het parcours weer aan elkaar te knippen, nadat een paar keer mensen door het lint heen gereden waren. Dat is ook weleens leuk om te doen. Ik houd gewoon van crossen en ik hoop dat ik dat nog heel lang kan doen.”



Van Oreos tot Veluwse Brok
De relaxte sfeer rond de cross in de VS leverde bijzondere verhalen op. Op een bepaald moment kregen de Amerikaanse crossfans er lucht van dat Bakker en haar broer liefhebbers van Oreo-koekjes waren. “Het liep helemaal uit de hand”, lacht ze. “Op een gegeven moment hadden we wel meer dan 7 dozen. Dus bij de laatste cross hebben we ze maar uitgedeeld. Wat moet een crosser nou met zóveel koekjes? We hebben uiteindelijk maar 1 doos mee naar huis genomen, voor mijn zusje.”
Als tegenprestatie nam ze typisch Nederlandse koeken mee voor de Amerikaanse renners. “Zij geven ons Oreos, wij geven hen Veluwse Brok”, glimlacht ze. Dat samenhorigheidsgevoel typeert de Amerikaanse cross. Na een fel duel met Sidney McGill in Roanoke gingen ze de volgende dag gezellig samen een koffieritje maken. “Mensen denken soms dat er veel spanning is tussen rensters, maar dat valt eigenlijk wel mee. Incidenten worden meestal gewoon uitgepraat. Het is, zeker in Amerika, 1 grote familie.”
Ook eens terug in Europa blijft Amerika in haar gedachten. In Heerde droeg ze een opvallend polsbandje voor Tofik Beshir, de winnaar van de USCX-series die onlangs zwaar werd aangereden op training. “Bij de start hield ik het armbandje speciaal voor hem omhoog. Ik heb dat in Cincinnati gekocht om bij te dragen aan zijn crowdfunding. Dat ongeluk had wel een flinke impact op het einde van de trip”, vertelt ze. “Het gaat nu gelukkig wat beter met hem. Ik hoop dat hij er snel weer bovenop komt.”


[ONTDEK ONZE PAGINA FIETSVACATURES]

Revalidatie en rentree
Vlak na haar terugkeer in Nederland stond ze in Heerde aan de start van haar thuiscross. “Eerlijk gezegd had ik ’s ochtends totaal geen goed gevoel”, geeft ze ruiterlijk toe. “Ik had weinig geslapen door de jetlag, en bovendien voelde mijn vermogensbalans slecht. Tijdens de opwarming zei mijn vader: ‘Manon, heb gewoon plezier vandaag.’ Dat heb ik dus maar geprobeerd.” Het leverde haar een zwaarbevochten 4e plek op. “Natuurlijk ben ik teleurgesteld, als topsporter wil je altijd op dat podium staan. Maar tegelijkertijd ben ik ook een beetje trots. Voor de cross wist ik absoluut niet waar ik zou staan.”
Die onzekerheid komt voort uit een zware medische ingreep. 6 maanden geleden werd ze geopereerd aan een vernauwde bekkenslagader. “Mensen denken soms dat na de operatie het probleem meteen is opgelost, maar zo werkt het niet”, legt ze uit. “Het heeft echt tijd nodig. Artsen zeggen vaak 9 tot 14 maanden, en ik ben nu pas 6 maanden onderweg. Als er een disbalans is, voelt het alsof je met 1 been aan het duwen en trekken bent, terwijl het andere gewoon een beetje volgt.”
Voor de ingreep was de krachtsverhouding tussen haar linker- en rechterbeen gedaald naar een penibele 34/66. “Het gaat een stuk beter sinds de operatie, maar het is nog steeds niet altijd 50/50”, vervolgt ze realistisch. “Op goede dagen vlieg ik op training, en zit ik op 49/51. Maar dat is niet elke dag zo. Heerde was 1 van die mindere dagen. Het zou me verbazen als het beter was dan 45/55”, concludeert ze nuchter. “Ik reed beter dan verwacht, maar we moeten voorzichtig zijn met te veel verwachtingen scheppen. Ik hoop in elk geval dat dit mij een stukje dichter bij een selectie voor het EK brengt.”

