WielerVerhaal
  • Disciplines
    • Weg
    • Veld
    • Gravel
    • Mountainbike
    • Baan
    • Para Cycling
    • Vrouwen
    • Mannen
  • Routes en hellingen
    • WielerVerhaal Fietsroutes
    • GPX Fietsroutes
    • Cols en Hellingen
  • Materiaal
    • Materiaal
    • Reviews
  • Nieuwsbrief
  • Leestips
  • Fotospecials
  • Extra
    • Blik onder de motorkap
    • WielerVerhaal Giveaway Winnaars
    • WielerVerhaal team
    • Boekenshop
    • Contact

Beste Fietscontentplatform 2025 – België

WielerVerhaal

Meer resultaten...

Generic selectors
Exact matches only
Search in title
Search in content
Post Type Selectors
WielerVerhaal
  • Disciplines
    • Weg
    • Veld
    • Gravel
    • Mountainbike
    • Baan
    • Para Cycling
    • Vrouwen
    • Mannen
  • Routes en hellingen
    • WielerVerhaal Fietsroutes
    • GPX Fietsroutes
    • Cols en Hellingen
  • Materiaal
    • Materiaal
    • Reviews
  • Nieuwsbrief
  • Leestips
  • Fotospecials
  • Extra
    • Blik onder de motorkap
    • WielerVerhaal Giveaway Winnaars
    • WielerVerhaal team
    • Boekenshop
    • Contact
  • Buitenland
  • Cols en Hellingen
  • Zelf fietsen!
  • Alto de Aitana
  • Vuelta 2026

Alto de Aitana, de militaire klim tussen Calpe en Benidorm die bijna niemand kent

  • Alex Polfliet
  • december 22, 2025
  • 3 minute read

Het parcours van de Vuelta 2026 is intussen bekend. Traditiegetrouw is het een copieus Spaans gerecht van geaccidenteerde ritten en dito aankomsten bergop. Voer voor klimmers, dus. 1 van die aankomsten bergop is de Alto de Aitana, een klim in de buurt van Benidorm en Calpe maar onbekend bij veel wielertoeristen. En dat om een wel heel bijzondere reden.

Foto: Alex Polfliet.

Tudons

De klim naar de Alto de Aitana kan je enkel bereiken vanop de top van de Puerto de Tudons, een col die wél erg bekend is bij de vele wielertoeristen en competitierenners die er vooral in de winter neerstrijken. Vanaf de Tudons moet er nog 7 km geklommen worden tot de top van de Aitana. Waarom die laatste trap dan zo onbekend is bij fietsers die in de regio vertoeven? De berg is een militair domein en de weg naar boven is doorgaans afgesloten met een hoog hek, waar geen doorkomen aan is! Enkel als er een wielerwedstrijd boven aankomt, kan je er met de fiets naar boven.

De Vuelta-renners zullen op zondag 30 augustus 2026 de Puerto de Tudons langs de beide kanten opfietsen. Eerder in de rit langs de noordkant, maar in volle finale langs de zuidzijde. Dat is – naar Vueltanormen – geheel logisch, want die zuidkant is de zwaarste zijde. De organisatoren staan bekend om hun quasi-sadistisch genoegen om telkens een loodzwaar parcours uit te tekenen.

De start zal worden gegeven in Villajoyosa, een schilderachtig badstadje zoals je er aan de Costa Blanca helaas te weinig vindt. Het voormalige vissersdorpje wist zijn authentieke centrum te bewaren en te weerstaan aan de druk van het toerisme waaraan Benidorm en Calpe wel hebben toegegeven. In dit centrum dus geen mastodonten van hotels of hoogbouwappartementen, maar een aaneenschakeling van kleine in felle kleuren geschilderde huisjes. Vanuit Villajoyosa zou je in 1 ruk naar de Aitana kunnen fietsen. Dan zou je 40 km bijna permanent moeten klimmen. Dat houden we voor later.

Coll de Rates

Maar de renners zullen die zondag in de Vuelta eerst via een flinke omweg nog wat extra cols in het achterland voorgeschoteld krijgen. Via Finestrat en La Nucia stijgt het peloton naar Callosa d’En Sarrià om in Bolulla te belanden. Daar beginnen ze aan de zuidzijde van de alom bekende Coll de Rates. Die col is dé favoriete trainings- en testcol van de talloze wielerploegen die er ’s winters op trainingskamp zijn. Al nemen die meestal de noordkant vanuit Parcent omdat die heel gelijkmatig is.

Dat is deze kant dus niet. 2,5 km na het buitenrijden van Bolulla krijgen de renners 2 sets van telkens 2 haarspeldbochten voorgeschoteld, waar het net boven de 10% helt. Na Bolulla wordt het wat minder steil en kunnen de toppers bijschakelen. Ze gaan echter niet tot de top van de Rates, maar slaan bij het buitenrijden van Tarbena links de Puerto de Tarbena op, die in deze rit als 2e categorie wordt ingeschaald. In Castell de Castells gaan de renners weer rechts via Orba naar Pejo.

Daar wacht hen de Puerto de El Miserat. De woordspeling ligt voor de hand: de poort van de miserie. Deze ronduit helse klim is weinig bekend. In slechts 6 km moeten er 634 hoogtemeters genomen worden, dat is dus gemiddeld 10,5%! Tot overmaat van ramp is de klim ook zeer onregelmatig en heeft een maximum stijgingspercentage van 21% en halfweg een korte afdaling. Het smalle weggetje verdient niet eens het predicaat ‘geitenpad’, want is van dergelijke kwaliteit dat Gaia zou protesteren als je er die arme dieren over zou jagen. In hun drang naar spektakel overschrijden de organisatoren hier een nieuwe grens. Die nergens voor nodig is, want de klim ligt véél te vroeg in de wedstrijd. De UCI zou dergelijke fratsen moeten verbieden.

Puerto de Tollos

Wie in de smalle afdaling op het rottige asfalt overeind blijft, moet al snel de Puerto de Tollos aanvatten. Maar vergeleken met het monster van daarnet is dit een doetje: 5 km aan 4,5%. Daarna dendert het peloton naar Alcoleja. Daar vatten ze de noordkant van de Puerto de Tudons aan. Die is met zijn 5 km aan 6,5% voor profrenners niet echt een uitdaging. Boven op de top slaan de renners rechtsaf. Zouden ze linksaf indraaien, dan wacht de streep 7 km verder. Maar dat is zonder de organisatoren gerekend. Die leggen de renners nog een extra en zeer lastige lus voor.

Op de top van de Tudons moet het peloton – of wat er dan van overschiet – rechtsaf afdalen tot Penàguila om dan via de Puerto de Benifàllim en het gelijknamige dorpje verder zuidwaarts te trekken tot Relleu. Dit is het startpunt van de nog lange slotklim.

We reden zelf ook de slotklim op, met vertrek aan de Costa Blanca. Dat kan je hier lezen!


Lees meer artikels

Alto de Aitana, onze absolute finale door het militair domein: “Man, wat een klim!”
LEES MEER

 

Share
Tweet
Share
Alex Polfliet

In zijn jeugdjaren (15 -19) was Alex een niet onverdienstelijk coureur. Maar niet goed genoeg om van een profbestaan te dromen. Hij stopte met competitiewielrennen, maar de liefde voor de fiets en de passie voor de koers bleef. Zo probeert hij elk jaar 10.000 km op zijn conto bij te schrijven. Exuberanter is zijn bucketlist: in zijn leven 500 verschillende cols opfietsen. Er resten hem nog 70 bergen om dat ultieme doel te kunnen afvinken. Alex was zowat de 1e die fietsgidsen schreef voor maniakale wielertoeristen die kicken op bergop rijden. Hij is auteur van ‘Fietsen in de Franse Alpen’, ‘Fietsen in de Pyreneeën’, ‘Fietsen in de Vogezen’, ‘Fietsen nabij de Italiaanse Meren’ en ‘Fietsen in het Zwarte Woud’. Ook schreef hij een boek over het veldrijden, ‘Kampioenen van het slijk’.



WielerVerhaal

Input your search keywords and press Enter.