WielerVerhaal
  • Disciplines
    • Weg
    • Veld
    • Gravel
    • Mountainbike
    • Baan
    • Para Cycling
    • Vrouwen
    • Mannen
  • Routes en hellingen
    • WielerVerhaal Fietsroutes
    • GPX Fietsroutes
    • Cols en Hellingen
  • Materiaal
    • Materiaal
    • Reviews
  • Nieuwsbrief
  • Leestips
  • Fotospecials
  • Extra
    • Blik onder de motorkap
    • WielerVerhaal Giveaway Winnaars
    • WielerVerhaal team
    • Boekenshop
    • Contact

Beste Fietscontentplatform 2025 – BelgiĆ«

WielerVerhaal

Meer resultaten...

Generic selectors
Exact matches only
Search in title
Search in content
Post Type Selectors
WielerVerhaal
  • Disciplines
    • Weg
    • Veld
    • Gravel
    • Mountainbike
    • Baan
    • Para Cycling
    • Vrouwen
    • Mannen
  • Routes en hellingen
    • WielerVerhaal Fietsroutes
    • GPX Fietsroutes
    • Cols en Hellingen
  • Materiaal
    • Materiaal
    • Reviews
  • Nieuwsbrief
  • Leestips
  • Fotospecials
  • Extra
    • Blik onder de motorkap
    • WielerVerhaal Giveaway Winnaars
    • WielerVerhaal team
    • Boekenshop
    • Contact
  • Buitenland
  • Elite
  • Mannen
  • Wielrennen op de weg
  • Tirreno-Adriatico
  • Tirreno-Adriatico 2026

Dit zijn de 7 etappes van de Tirreno-Adriatico 2026

  • Redactie
  • maart 7, 2026
  • 4 minute read

De Tirreno-Adriatico 2026 zet in met een vlakke tijdrit aan de Toscaanse kust en bouwt daarna stapsgewijs richting zwaardere, grillige etappes. Het parcours mixt lange overgangsdagen met technische finales, steile punchy klimmetjes en meerdere circuits. Waardoor positionering en timing opnieuw bepalend worden. De week sluit af met een sprintersrit naar San Benedetto del Tronto, na een reeks dagen waarop klimmers en klassieke types hun kansen krijgen.

Foto: LaPresse.

Etappe 1: tijdrit Lido di Camaiore, 11,5 km

De Tirreno begint met een individuele tijdrit die op papier weinig ruimte laat voor verrassingen: volledig vlak, snel en vooral rechttoe rechtaan. De renners rijden 2 bijna kaarsrechte stukken langs de boulevards van Camaiore en Viareggio, verbonden door een beperkt aantal bochten en 1 keerpunt. Bij de U-bocht in Viareggio, op km 5,4, ligt het tussenpunt. Daarna gaat het in 1 lijn terug richting Lido di Camaiore. In de slotkilometer dwingt een S-bocht tot een laatste technische inspanning: remmen, opnieuw aanzetten en het tempo vasthouden tot op de streep. Hier liggen de eerste verschillen voor de klassementsrenners, maar ook de eerste stressmomenten voor wie meteen tijdverlies wil vermijden.

Etappe 2: Camaiore–San Gimignano, 206 km

De 2e dag is meteen een sleutelrit: lang, golvend en vooral complex in de 2e helft. Vanuit Camaiore trekt het peloton over Montemagno richting Pisa en het gebied rond Livorno. Na Cecina verlaat de koers de kust en gaat het binnenland in, met Pomarance als tussenstation. Op de klim over de Cerreto-weg zitten stroken met dubbele cijfers, een signaal dat het tempo hier kan breken als ploegen doordrukken. Daarna volgt Castelnuovo Val di Cecina en een reeks heuvels die de benen blijven belasten. In de aanloop naar San Gimignano wacht een gravelstrook van 5,3 km aan de stadsrand. Daar gaat het vooral bergop, met enkele zeer steile passages. De aankomst ligt in het centrum, met een korte slothelling tot 15% bij de entree van de stad. Deze combinatie van klim, gravel en explosieve finish maakt het een dag voor aanvallers en punchers. Het is tevens een 1e serieuze test voor het klassement.

Etappe 3: Cortona–Magliano de’ Marsi, 225 km

Etappe 3 is met 225 km de langste van de week en oogt als een rit die blijft golven zonder echt te ontploffen. Het parcours slingert door gebieden met veel kleine hoogteverschillen, langs onder meer Todi en de Marmore-watervallen. Het karakter blijft dat van een uithoudingsproef. Constant op en af, nooit lang genoeg om pure klimmers te bevoordelen. Maar wel belastend voor wie niet goed herstelt. De finale is snel, met een geleidelijke stijging in de laatste 15 km. De aankomststrook loopt gemiddeld 3% omhoog, waardoor een klassieke massasprint minder vanzelfsprekend is en een sterke lead-out of late versnelling het verschil kan maken.

Etappe 4: Tagliacozzo–Martinsicuro, 210 km

De 4e rit opent met 2 bekende Apennijnenklimmen: Ovindoli en de Valico delle Capannelle. Daarna volgt een lange afdaling richting Teramo, die de koers opnieuw kan hergroeperen. Het venijn zit in de slotfase. Een opeenvolging van steile klimmetjes en korte ramps die het ritme breken. Ploegen zullen hier gedwongen worden om keuzes te maken. Castellalto springt eruit met lange stroken rond 12%. Vervolgens passeren Mosciano Sant’Angelo en, op 12 km van de finish, de klim naar Tortoreto via Badetta, waar het in het laatste deel oploopt tot 20%. Na een korte afdaling rijden de renners nog ongeveer 8 km over de zeepromenade naar de finish in Martinsicuro. Wie hier wil winnen, moet zowel klimmen als herstellen op snelheid.

Etappe 5: Marotta–Mondolfo–Mombaroccio, 186 km

Etappe 5 is een klassiek heuvelgevecht met een hoog aantal beklimmingen: minstens 10, waarvan meerdere als bergprijs tellen. Vanuit Marotta gaat het via Mondolfo naar het gebied rond de Metauro, met onder meer Villa del Monte en Monterolo. Daarna volgt Monte delle Cesane, met openingskilometers die rond 15% aantikken. Via Saltara en Cartoceto bereikt de koers Mombaroccio, waar een finale op een circuit wacht. De ronde van 21,6 km wordt 2 keer gereden en bevat meerdere golvende stroken plus de zware klim naar het Santuario del Beato Sante. De top ligt op 1.500 meter van de finish, waarna een sprint van ongeveer 300 meter bergop de beslissing moet brengen. Dit is een dag voor renners met inhoud Ʃn punch, en een moment waarop favorieten elkaar kunnen isoleren.

Etappe 6: San Severino Marche–Camerino, 189 km

De 6e etappe is de zwaarste: voortdurend lastig, met veel klimwerk en weinig echte rust. Rond halfweg staat de beklimming van Sassotetto (Valico di Santa Maria Maddalena) op het programma, een passage die het peloton kan uitdunnen en knechten kan kosten. Camerino wordt bereikt via de oostkant van de stad, waarna de renners een zwaar slotcircuit van 29,1 km afwerken, 2 keer. Na een keerpunt bij Castelraimondo draait het geleidelijk omhoog richting de finale. De laatste 3 km lopen over de Muro della Madonna delle Carceri, met pieken tot 18%. De finish ligt bovenop de 3e passage, wat deze rit uitermate geschikt maakt voor klassementsverschillen op pure kracht en timing.

Etappe 7: Civitanova Marche–San Benedetto del Tronto, 143 km

De slotrit is in de 1e fase licht golvend, maar de laatste 80 km zijn volledig vlak. Vanuit Civitanova Marche volgt de koers eerst de Adriatische kust, om daarna landinwaarts te trekken via de Aso-vallei vanaf Pedaso. Er wordt geklommen naar Montefiore dell’Aso, gevolgd door een afdaling en de aanloop naar Ripatransone via een laatste, milde helling. Een lange afdaling brengt het peloton naar Grottammare, waarna een lokale ronde van 15 km 5 keer wordt gereden. De wegen zijn breed en grotendeels recht, ideaal voor sprinterstreinen en controle. Na de zware dagen ervoor is dit de aangewezen kans voor de snelle mannen, mits de wind geen rol speelt.

Met deze opbouw biedt Tirreno-Adriatico 2026 kansen voor meerdere types: tijdritspecialisten op dag 1, punchers en aanvallers in San Gimignano en Mombaroccio, en klassementsrenners die in Camerino hun slag moeten slaan. De sprinters krijgen op het einde een duidelijke afspraak, maar pas nadat het parcours de benen al meerdere keren heeft getest.


Lees meer artikels

Wordt Le Marche dƩ nieuwe toeristische fietsregio van Europa?
LEES MEER

 

Tirreno-Adriatico 2026 barst los: met Van Aert, MVDP, Magnier, Philipsen, Ganna, Milan, Roglič, Del Toro, Jorgenson, Hindley en Carapaz
LEES MEER

 

Tirreno-Adriatico 2026 maakt komaf met aankomsten bergop: wƩl een uitputtingsslag voor het peloton
LEES MEER

 

Share
Tweet
Share
Redactie

The Story is Our Race.



WielerVerhaal

Input your search keywords and press Enter.