
Dit weekend eindigde de Poolse Natalia Piróg als 3e bij de Koppenbergcross voor meisjes junioren. Het onderstreept eens te meer haar indrukwekkende seizoenstart. De renster van MAT ATOM Wrocław reist samen met haar vader kriskras door Europa en mikt dit weekend vol op een podiumplek tijdens het EK in Zeddam. Hoewel ze de sport zo serieus neemt dat ze is overgestapt op thuisonderwijs, traint ze verrassend genoeg liever niet in het veld. Dat is precies waarom ze nog actief is in het MTB, al lonkt de weg inmiddels ook na een tumultueus debuut in de Ronde van Vlaanderen afgelopen seizoen.


3 Europese titels
Met haar 3e plek op de Koppenberg werd Piróg de 1e Poolse met een podiumplaats op de bult van Melden sinds dopingzondaar Paweł Szczepaniak in 2009. Met dat resultaat bevestigde ze op het zwaarste parcours van deze winter haar sterke seizoenstart. Ze pakte al 3 zeges en evenveel podiumplekken. “Eerlijk gezegd had ik niet verwacht dat mijn 1e seizoen bij de junioren meteen zo goed zou beginnen”, geeft ze toe. “Ik leg mezelf altijd veel druk op aan het begin van het seizoen, maar deze keer heb ik geprobeerd om mijn hoofd koel te houden. Dat helpt echt om vrijer te crossen.”
Ondanks die bescheidenheid over haar eerste stappen bij de junioren, is ze aan de absolute top allesbehalve een onbekende. “Ik heb al diverse grote wedstrijden gewonnen. Ik heb 2 Europese titels in het veld gewonnen bij de jeugd, en een keer op de mountainbike”, vertelt de Poolse. “Maar bij de junioren begint het pas echt.”
Tot de Koppenberg was een landgenote van Piróg haar grootste tegenstander. “Antonina Kucharska is in de meeste wedstrijden mijn voornaamste uitdaagster”, legt Piróg uit. “We hebben altijd al op een vergelijkbaar niveau gezeten, ook al is ze een jaar ouder. Ik vind het prachtig om tegen haar te rijden, het is altijd een mooie uitdaging. Ik probeer altijd voor haar te zitten als er een lastige passage aankomt. Technisch ben ik iets beter, dus probeer ik daar mijn voordeel te doen.”



Moddervrees
Ondanks die technische behendigheid blijft ze het liefst weg uit het slijk. “Ik rijd stiekem het liefst als er helemaal geen modder ligt. Ik ben altijd een beetje bang om de controle te verliezen en uit te glijden”, bekent ze eerlijk. “Maar uiteindelijk heb ik altijd heel veel plezier in het crossen. Je moet het doen met de omstandigheden die er zijn.”
Om zichzelf verder te ontwikkelen in de sport, trekt het talent in een camper door heel Europa. “Ik reis altijd samen met mijn vader, dat maakt het wel een stuk makkelijker”, stelt ze. Toch was de combinatie met school lang een struikelblok. “Dat was voorheen best moeilijk. Daarom ben ik dit jaar veranderd van school en doe ik nu alles via online onderwijs. Daardoor is het makkelijker geworden om veel te koersen. Ik merk dit seizoen al een groot verschil.”
Die reislust is noodzakelijk om uitgedaagd te blijven. “Ik zou zeggen dat het niveau in Polen goed is, en zeker dat de parcoursen leuk zijn”, klinkt het positief. “Maar we hebben gewoon niet zoveel renners als in België en Nederland, dus is het lastig om op het allerhoogste niveau te concurreren. Daarom reis ik met plezier naar andere landen toe. Ik wil gewoon beter worden.”


[ONTDEK ONZE PAGINA FIETSVACATURES]

Haatliefdeverhouding
Naast het veldrijden is de Poolse ook actief op de weg en de mountainbike. Ondanks een verrassende haatliefdeverhouding houdt ze het meest van het veldrijden. “Maar ik heb wel een bloedhekel aan crosstrainingen”, lacht ze hardop. “Het racen zelf is iets totaal anders, ik hou er enorm van hoe snel alles gaat. Als het puur op fietsen aankomt, is de mountainbike mijn favoriet. Er gebeurt van alles: je stuitert naar beneden, je gaat de bergen in en je ziet prachtige landschappen.”
Desondanks begint ze de weg steeds meer te waarderen. Afgelopen voorjaar reed ze de Ronde van Vlaanderen voor junioren met het Nederlandse Watersley. “Ik overleefde krampen op 1 van de klimmetjes, vloog in een afdaling met 80 per uur het gras in door een valpartij voor me, en vocht in de sprint met alles wat ik had”, blikt ze vol trots terug op die dag. “Normaal zou ik na zo’n incident opgeven, maar deze keer niet. Mijn tijd bij Watersley heeft me veel over mezelf geleerd. Nu geloof ik dat ik ook op de weg goed kan zijn.”
De volledige focus ligt voorlopig echter eerst op de jacht naar een EK-medaille in Zeddam. Daarmee zou ze pas de 2e Poolse renster ooit worden die eremetaal pakt op een Europees kampioenschap Veldrijden. “Ik wilde dit seizoen zoveel mogelijk punten verzamelen zodat ik vanaf de 2e startrij mocht vertrekken”, kijkt ze gretig vooruit. “Dat is gelukt, en nu wil ik mij vol smijten voor een plek op het podium.” Het bosrijke parcours op de Montferlandse ruggen lijkt haar in ieder geval op het lijf geschreven.

