
RB Zelfbouw United Cycling Team stopt eind dit seizoen 2025. Daarmee verdwijnt 1 van de beste clubploegen van de voorbije jaren. Johan Remels (58) zit sedert z’n 15e onafgebroken in de koers. Diverse elementen dwingen hem en het bestuur van de Truiense club tot deze drastische beslissing. Deels zijn die van budgettaire aard, deels puur sportief. De ex-prof legt uit.


Hoger budget
“Als clubploeg is het tegenwoordig heel moeilijk om nog goeie renners aan te werven”, zucht Remels. “In het verleden hebben we altijd sterke renners gehad. Denk maar aan Frederik Backaert, Lennert Teugels, Ayco Bastiaens, noem maar op. Inderdaad, de mannen die hogerop raakten, reageerden het meest toen we begin augustus bekend maakten dat we er eind dit jaar mee gaan stoppen. Waarmee ze erkennen dat we hen een degelijke opleiding hebben gegeven, dat we iets hebben betekend in hun carrière.”
Het United Cycling Team werd 18 jaar geleden boven de doopvont gehouden. In de loop der jaren werden Davo, Profel en RB Zelfbouw de hoofdsponsors van deze ploeg met zetel in Sint-Truiden. “Bedrijven die stevige bedragen gaven om onze werking te ondersteunen”, gaat de ploegleider verder. “Vroeger was ons budget groter dan nu. Dan konden we inzake materiaal en premies iets meer doen. We reden ook 4 of 5 rittenkoersen in Frankrijk. Na corona is dat stilgevallen.”
“We hadden altijd goeie sponsors, maar nu hebben we iets extra nodig om op niveau te kunnen blijven koersen”, benadrukt Remels. “Eigenlijk hebben we 2 sterke jaren achter de rug. 2023 en 2024 waren zeker oké. Toch heb ik vorig jaar al gevoeld dat dit scenario er zat aan te komen. De betere junioren kunnen we niet overtuigen om bij ons te komen koersen. Zelfs de subtoppers van de U19 trekken tegenwoordig naar de devoteams. Wij zitten daaronder te vissen. Bij jongens die tussen de plaatsen 10 en 20 kunnen finishen.”



Sterke structuur
De oorzaak van de stopzetting is dus deels financieel, deels sportief. “Ik besefte vorig jaar al dat we tot deze beslissing zouden komen indien we inzake budget geen stap vooruit zouden kunnen zetten”, aldus Remels. “Sportief wil ik resultaten halen. Anders is voor mij het plezier er helemaal uit. Ik wil een degelijke briefing kunnen geven voor de koers, ik wil met een plan voor de dag komen om de wedstrijd te proberen winnen. We hebben nog altijd een paar goeie renners. Zoals Arthur Tirry die in het eindklassement van de Province Cycling Tour, zeg maar de Ronde van Luik, enkel Iben Rommelaere moest laten voorgaan.”
Intussen tekende Remels tussentijdse transferdocumenten voor Tirry. Hij koerst vanaf nu voor DL Chemicals-Experza, de ploeg van Rudy Vandenheede. “Waardoor Arthur in het najaar van enkele Italiaanse koersen als Veneto en de Ronde van Lombardije voor beloften zal kunnen proeven”, verduidelijkt Remels. “Volgens mij kan hij nog hogerop. Maar deze transfer is voor hem reeds een stap voorwaarts.”
Dat was ook jarenlang het opzet bij het United Cycling Team. “We hebben altijd geprobeerd om renners te laten groeien”, verzekert Remels. “Ik denk dat ik mag zeggen dat de structuur van onze ploeg steeds in orde geweest is. Met goeie verzorgers, met goeie mecaniciens. We zijn ook altijd 1 van de betere clubteams geweest. Zeker de laatste jaren.”



Goed afsluiten
In 2025 kwam geen verlengstuk aan die goeie uitslagen. “Vorig jaar wonnen we met Michiel Hillen de Ronde van Vlaams-Brabant”, blikt Remels terug. “Dat vond ik een heel mooi moment voor onze club. Zo zijn er nog geweest. Ons mooiste seizoen was 2016. Toen wonnen we met 13 verschillende renners 33 wedstrijden, haalden we ook hele mooie resultaten in rittenkoersen. Voor elke koers konden we een plan maken om te winnen. Nu is dat niet meer mogelijk. We moeten het tegenwoordig vooral hebben van het collectieve.”
En dus minder van topresultaten. Het is een element in de beslissing van het bestuur van het United Cycling Team om de werking eind dit jaar stop te zetten. Beloften als Arthur Mertens, Yaurick Leenknegt en de Nederlander Max Rijvers moeten voor 2026 op zoek naar een andere ploeg. Dat wordt geen eenvoudige opdracht. Of Johan Remels een ander engagement zal aangaan, is twijfelachtig.
“Sedert 1996 ben ik ploegleider”, weet hij. “Vanaf mijn 15e was ik geen enkel jaar uit de koers. Intussen heb ik wat vragen gekregen. Daar ben ik nog niet op ingegaan. Mijn hoofd staat er niet naar. Maar zeg nooit nooit. Nu is mijn voornaamste betrachting om dit avontuur van 18 jaar op een goeie manier af te sluiten.”
