
Sport gaat om meer dan prestaties en cijfers. Dat beseft ook Frederik De Vreese, voormalig elite triatleet. Het draait om passie en inspiratie. En wat past daar beter bij dan je uitleven in een goed modderbad? Met de Olympeak Sessions wil hij de jongsten kennis laten maken met de essentie: de vonk van sportplezier.


Vanthourenhout en Vanthourenhout
Wandelaars in Sportcentrum Drogenbrood in Beernem knipperden begin oktober 2025 even met de ogen. In een tijdspanne van enkele minuten arriveerde eerst ex-bondscoach Sven Vanthourenhout, dan Bert De Backer en tenslotte ook dubbel Europees kampioen Michael Vanthourenhout. Die laatste kwam haast recht van het crosspodium in Meulebeke.
Welke stiekeme plannen werden daar gesmeed? Een nieuwe wielerploeg misschien? “De ware toedracht is minder spectaculair”, lacht Frederik De Vreese. “Wie weet worden hier wel een paar mooie wielercarrières gestart. Hun aanwezigheid maakt deel uit van een veldritinitiatie.”

De Vreese is zelf de aanstoker van het concept. “Ik hoop kinderen de passie voor die mooie sport bij te brengen. Als ik daarin slaag, ben ik tevreden.” In het dagelijkse leven zit hij achter Olympeak, bekend om expertise in hoogtetenten en prestatieoptimalisatie voor (top)sporters. Deze keer echter geen gesprek over zuurstofsaturatie, het fietsplezier staat voor nu centraal. Geen harde intervaltrainingen, maar oefeningen in fietsbehendigheid, fietswissels en techniek-initiatie.
Een ideale insteek om kinderen te triggeren dus. “De fun staat voorop, maar de expertise en tips van Michael Vanthourenhout zorgen toch voor een extra dimensie”, vindt De Vreese. “Hij is al enkele jaren klant bij ons. Tijdens onze contacten groeide spontaan het idee om samen iets te doen voor jonge sporters. Niet vanuit commercieel oogpunt, maar gewoon omdat het mooi is om iets terug te geven aan de sport.”



De vader in Bert De Backer
Ex-profs Bert De Backer en Sven Vanthourenhout ontpopten zich tijdens het event als vaders van een kroost die zich bijzonder goed amuseerde. Hoeveel youngsters kunnen zeggen dat ze een fiets aangereikt kregen door een wieler-BV? “Hun betrokkenheid was eerder toeval”, bekent De Vreese. “Maar het kan natuurlijk nooit kwaad. Die mannen ademen koers, waardoor hun aanwezigheid het gebeuren nog wat extra glans gaf.”
“De kinderen waren onder de indruk van de aanwezigheid van zo’n topper als Michael Vanthourenhout, natuurlijk. Maar daar raakten ze al snel over en ze begonnen hun vragen af te vuren — over zijn fiets, schoenen, trainingen. En uiteraard wilde iedereen met hem op de foto. Dat enthousiasme, die twinkeling in hun ogen, dat is geweldig om te zien.”

Voor De Vreese raakt het initiatief duidelijk een persoonlijke snaar. “Als kind kreeg ik van mijn ouders de kans om veel te sporten. Die liefde geef ik nu door aan onze 10-jarige zoon. Het gaat niet om winnen, maar om goesting krijgen om te bewegen”, legt hij uit. “Daarom deed het diverse publiek me veel plezier. Behoorlijk professioneel uitgeruste kinderen reden zij aan zij met kinderen die het crossen spelenderwijs kwamen ontdekken.”
Hoewel de initiatiesessie ontstond vanuit een persoonlijk initiatief, maakten zijn professionele connecties het wel mogelijk. “Ik heb het voorrecht om met toppers te mogen werken die hun grenzen verleggen. Als ik via Olympeak iets kan terugdoen voor de jeugd, dan is de cirkel rond.”



Persoonlijk initiatief
De Vreese ademt als topatleet duidelijk sport, de specifieke link met het veldrijden verrast ons dan weer. “Ik ben absoluut een grote bewonderaar, maar ik geef eerlijk toe dat ik technisch zelf niet sterk genoeg ben op de fiets. Het veldrijden fascineert me vooral door de combinatie van kracht, uithouding en techniek. En de passie die de sport uitstraalt, die herken ik maar al te goed.”
Voor De Vreese hoeven de kinderen die langskwamen niet allemaal veldrijders te worden. “Ik hoop gewoon dat ze goesting krijgen om te sporten, in eender welke sport. Beweging en plezier, dat is het belangrijkste. Als kinderen dankzij zo’n dag een nieuwe hobby of passie ontdekken, of ouders besluiten om hun kinderen meer kansen te geven om te sporten, dan is dat al een succes. En misschien steken lokale clubs er ook iets van op. Het begint altijd klein.”
“Er komen zeker nog initiatieven, want de positieve reacties smaken naar meer. Ik kan echter nog geen namen verklappen”, zegt hij met een knipoog. Een klein tipje van de sluier dan? “Andere sporten, andere klanten van mij. Maar altijd met hetzelfde doel: jongeren inspireren om te bewegen.”
