
3 jaar op rij Wereldkampioene Gravel, maar voor een 4e titel mocht ze niet strijden. Amper 48 uur voor de start van het WK Gravel in het Australische Nannup verplichtte de UCI Joyce Vanderbeken om bij de elite te starten. De 42-jarige West-Vlaamse besloot toch te koersen. Haar antwoord? Een 15e plaats tussen de wereldtop. “Ik moest en zou starten en antwoorden met mijn pedalen.”


Van ontgoocheling naar strijdlust
Joyce Vanderbeken: “Na mijn 3e wereldtitel in Maastricht begon het plan te rijpen om naar Australië te reizen. Ik was met iets bijzonders bezig en wilde die regenboogtrui niet zomaar afgeven. Wie hem wilde overnemen, zou daar maar met mij voor moeten strijden. Maandenlang stond alles in het teken van het WK Gravel. Ik trainde harder en langer dan ooit, paste mijn fiets aan en probeerde de jetlag te beperken. Op het EK gravel in Houffalize had ik mijn 3e Europese titel op rij veroverd. Mijn trainingscijfers waren uitstekend en ik reed zelfs persoonlijke records. Ik twijfelde nauwelijks aan mijn vorm.”
“Maar de UCI had andere plannen. Woensdagavond kwamen we aan in ons huisje in Busselton. Donderdagochtend zag ik een mail met als onderwerp: ‘IMPORTANT – Nannup 2026, upgrade in Elite category’. Ik was nog half aan het slapen, maar plots was ik klaarwakker. Door een reglementswijziging die op 1 oktober inging, mocht ik vanwege mijn verzamelde UCI-punten niet langer deelnemen bij de vrouwen van 40 tot 44 jaar. Ik moest verplicht bij de elite starten. Ik had maandenlang alles op alles gezet en was naar de andere kant van de wereld gereisd. Amper 48 uur voor de start veranderden de spelregels. Blijkbaar volstaat 1 mailtje om van een 42-jarige amateur plots een eliterenster te maken.”
Mijn eerste reactie was ongeloof. Mijn reisgenoten waren boodschappen gaan doen en mijn ouders kon ik niet bellen, want in België was het nog nacht. Ik kwam naar Australië om wereldkampioene te worden bij de 40-44-jarigen, niet om het elitepeloton te vullen. Wat had ik te zoeken tussen de absolute wereldtop? Tijdens de parcoursverkenning probeerde ik het nieuws te verwerken. Ook mijn vader begreep de beslissing niet. Hij zei: ‘Je moet daar niet starten, je bent 42 jaar en ze steken jou tussen de wereldtop. Wat kan jij daar gaan doen? Enkele uren eerder had ik hetzelfde gedacht. Maar ondertussen had ik mijn beslissing genomen. Ik zou starten en de UCI antwoorden met mijn pedalen.”



Complimenten van Vos
Joyce Vanderbeken: “Mijn wedstrijdstrategie moest volledig op de schop. Bij de Masters had ik 4 punten aangeduid waarop ik mogelijk kon aanvallen. Bij de elite bleef 1 opdracht over: zo lang mogelijk aanklampen. Ik wist dat mijn FTP-waarde net onder die van de WorldTour-rensters lag. Helemaal belachelijk zou het dus niet worden. Vlak voor de start kwam ik Marianne Vos tegen. Ze kende mijn verhaal en stelde me gerust. Ze zei dat ik sterk genoeg was om met hen mee te rijden. Als iemand als Marianne Vos dat zegt, geeft dat vertrouwen.
“Ik werd als 1 van de laatste rensters afgeroepen, maar schoof snel op naar de eerste rijen. Na 9 rustige asfaltkilometers ging het tempo stevig omhoog. Regen en opspattende modder maakten het parcours bijzonder zwaar. Soms zag je geen hand voor ogen. Het peloton dunde kilometer na kilometer uit. Na zo’n 65 km bereikten we de zwaarste beklimming. 5 rensters reden weg. Ik volgde met 3 anderen en kwam zowaar als 8e boven. 8e op een WK bij de vrouwen elite! Dat was een bijzonder moment.”
“Die inspanning woog zwaar door. Ik moest mijn groepje laten rijden en verloor na de bevoorrading op km 101 ook aansluiting met de achtervolgende groep. De laatste 25 km reed ik alleen. Ik had diep in mijn reserves getast, maar bleef vechten. Uiteindelijk finishte ik als 15e bij de elite. Ik was moe, maar ontzettend tevreden. Aan de aankomst voelde ik dat ik iets bijzonders had neergezet. Ik had gekoerst tussen rensters die ik normaal op televisie zie. Ik heb genoten van het parcours, de wedstrijd en zelfs van het afzien. Australië heeft mijn ogen geopend: ik kan op mijn 42e nog altijd meestrijden met de internationale top.”


[ONTDEK ONZE PAGINA FIETSVACATURES]

Wereldtop
Joyce Vanderbeken: “Toch blijft er een wrang gevoel hangen. De wereldkampioene bij de vrouwen 40 tot 44 jaar had 17 minuten langer nodig voor hetzelfde parcours. Die 4e wereldtitel lag dus binnen mijn mogelijkheden. Sportief heeft mijn 15e plaats bij de elite misschien zelfs meer waarde, maar het blijft jammer dat ik mijn oorspronkelijke doel niet mocht nastreven. De nieuwe UCI-regels roepen vragen op. Rensters met UCI-punten mogen niet langer in hun eigen leeftijdscategorie starten. Ik vraag me af welke waarde die regenboogtrui nog heeft als niet alle sterkste rensters van een bepaalde leeftijdsgroep ervoor mogen strijden.”
“Toch overheerst de trots. Een overstap naar de Masters komt er voorlopig niet. Ik blijf Elite 2-renster. Ik vind het veel te leuk om me met de jeugd te meten. Bovendien zijn er te weinig gravelwedstrijden om me uitsluitend op de Masters toe te leggen. Er wacht trouwens nog een ander doel. Ik verzamelde al 14 Belgische titels in verschillende wielerdisciplines. Die 15e zou toch ook mooi staan?”
“Ik vertrok naar Australië met de droom van een 4e wereldtitel. Die droom werd me 48 uur voor de start afgenomen. Maar ik keerde terug met iets wat misschien nog waardevoller is. Ik weet nu dat ik op mijn 42e nog altijd kan meestrijden met de beste gravelrensters ter wereld. Mijn regenboogtrui ben ik kwijt. Mijn strijdlust allesbehalve.”

