Hij begon te koersen in het zog van zijn broer, een goede amateurwielrenner. Huub Duijn verhuisde voor de koers van Noord-Holland naar Girona maar heeft met zijn partner intussen een prima trainingsstek gevonden in Sittard, Nederlands Limburg. U merkt het al, de carrière van de geboren Onderdijker, in 2018 toe aan zijn 2e seizoen bij Veranda’s Willems, nam wat niet-alledaagse wendingen aan. En op zijn 33e is het vuur nog altijd niet uit!

Huub Duijn met Peter Sagan. Foto: Fabienne Vanheste.

15 jaar al maakt Huub Duijn het wielerpeloton onveilig. Het carrièreverloop van de geëmigreerde Noord-Hollander ziet er een beetje vreemd uit. Het is dat hij het zelf met zoveel woorden gezegd heeft. “Na mijn laatste beloftenjaar bij het opleidingsteam van Rabobank ben ik beroepsrenner geworden”, legt hij uit. “Ik ben toen meteen 3 jaar naar de Verenigde Staten getrokken, waar ik voor de Slipstream-ploeg (later Garmin, red) kwam te rijden. Als ik terugkijk op die periode merk ik toch dat ik toen een heel andere renner was.”

“Ik was nog niet echt professioneel, keek er nogal makkelijk tegenaan, tegen de stiel van beroepsrenner. Ze hebben me ginder echt voor de leeuwen gegooid, wat niet in mijn voordeel was. Ik heb er ook wel wat pech gekend, maar dat klinkt als een flauw excuus. Laat dat dus maar. (lacht) Feit is wel dat ik met klierkoorts heel lang buiten strijd was. Als neoprof zo lang in de lappenmand, niet bepaald bevorderlijk.”

Nog meer malchance

Het 2e jaar draaide ook op niets uit voor Duijn. “In de winter kreeg ik last van een liesslagader. In februari kwam ik te weten dat ik daaraan moest worden geopereerd, maar dat kon pas in juni…. Ik heb toen maar kunnen koersen van eind januari tot half mei – op halve kracht. Dat jaar had ik ook al plannen om in Girona te gaan wonen om beter te kunnen trainen. Door die operatie was dat echter niet zo handig. Een jaar later heb ik die beslissing wel gemaakt, en dat seizoen, mijn laatste bij Garmin, heb ik wel een heel jaar goed kunnen fietsen.”

Aan de start van de Omloop 2018. Foto: Giovanni Vandenberghe.

Je zou zeggen, eindelijk vertrokken op het hoogste niveau. Dat was echter niet het geval voor Huub Duijn. “Ik ben in die Amerikaanse periode wel veel volwassener en serieuzer geworden, echt als coureur gaan leven ook. Tussen 2010 en 2014 reed ik dan wel voor ploegen als NetApp, Donckers Koffie en De Rijcke, maar ik heb wel altijd het gevoel gehad dat er meer in mij zat. Dat ik nog een stapje hoger kon.”

2e kans

In 2015 kreeg hij ook daadwerkelijk die 2e kans, bij Roompot. “Het is die voorafgaande jaren steeds iets beter gegaan, maar bij Roompot kwam ik wel mijn limiet tegen. Bij Garmin had ik 1 jaar WorldTour en 2 jaar procontinentaal gereden, maar die 2 jaar waren eigenlijk WorldTour-niveau. Bij Roompot kreeg ik het gevoel op mijn plaats te zitten: een ploeg net onder de WorldTour met af en toe eens een WT-koers. Maar naarmate ik daar meer reed, kreeg ik toch de zin om lastigere koersen te rijden en zelfs eens een grote ronde.”

“Helaas is die kans er niet gekomen. Al heb ik daar nu wel vrede mee. Het is jammer dat ik nooit een grote ronde heb kunnen rijden, maar dat neemt niet weg dat ik nu bij Veranda’s Willems-Crelan-Charles genoeg wedstrijden kan rijden waarin ik mijn eigen kans mag gaan. Vorig jaar hoopte ik nog de Waalse koersen te kunnen rijden, maar omdat dat niet kon, heb ik mij toen op de Vlaamse voorjaarskoersen gestort. Dat is me best bevallen. Ik heb toen veel geleerd en beseft dat er fysiek gezien wel mogelijkheden zijn. Ik moet die koersen wel aankunnen, maar ik ben natuurlijk Van Avermaet of Gilbert niet.”

 

Total
94
Shares

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*
*