Hij heeft weer een titel beet! Gauthier Ronsse (27) kroonde zich bij de Waalse nevenbond EDH – l’Echappée du Hainaut – tot Belgisch kampioen categorie A. In Destelbergen werd hij 2e na ploegmaat en veelwinnaar Björn De Decker die in reeks B, een hogere leeftijdscategorie, de nationale 3-kleur pakte. Voor Ronsse is deze titel een beloning, gezien z’n uitgebreide trainingsarbeid.


Grote Prijs Iljo Keisse
Het klinkt ietwat eigenaardig dat de nationale titelstrijd van een Waalse wielerfederatie in het Oost-Vlaamse Destelbergen werd gegeven. “Het was dit keer een organisatie van het John Saey Cycling Team, mijn club”, verduidelijkt Ronsse. “Luc Saey ondersteunt EDH en stond in Destelbergen in voor de Grote Prijs Iljo Keisse. Want Iljo koerste ook nog voor John Saey.”
Bij EDH rijden de reeksen A en B samen. “De A-reeks is voor renners tussen 19 en 29 jaar, reeks B voor mannen tussen 29 en 38 jaar”, gaat Ronsse verder. “In die wedstrijden zijn we met 3 van het John Saey Cycling Team: Björn De Decker, Olivier De Smet en ik. Voor de start had ik tegen mijn ploegmaats gezegd dat ik er onmiddellijk zou invliegen. Iemand ging mee met mij. En 2 ronden later sloten onder meer Björn De Decker, Kjell De Potter en Jelle De Leeuw aan. Zodat we de hele koers met 6 voorop hebben gereden.”
Het John Saey-duo schudde de medevluchters in de finale nog af. “Er ging nog een renner mee”, vertelt Ronsse. “Björn won de wedstrijd, ik werd 2e. Zo pakten we allebei de Belgische kampioenstrui. Inderdaad, voor mij is een koers winnen heel moeilijk. Dit seizoen won ik 2 keer, maar ik haalde al 12 maal het podium. Als Björn meedoet is het voor mij heel lastig om te winnen. Olivier, Björn en ik spreken altijd zo goed mogelijk af. Om er voor alle 3 het best mogelijke uit te halen.”



Perfecte afstand
De inwoner van Olsene mocht dit jaar toch al 2 keer de handen in de lucht gooien. “In het seizoenbegin kon ik in Ormeignies een wedstrijd winnen”, glundert Ronsse. “In Molenbeek heb ik bij de Elite 3 een criterium op mijn naam kunnen zetten. Toch gaat mijn voorkeur uit naar wedstrijden bij EDH. Die koersen gaan over 80 tot 95 km. Dat vind ik een perfecte afstand. Die bij de Vlaamse nevenbonden vind ik wat tekort. En bij EDH zijn er zo goed als elke weekeinde 2 wedstrijden.”
Ook bij de Elite 3 in Wallonië komt Gauthier Ronsse af en toe aan de start. “Dat zijn vaak koersen in de provincie Luik”, aldus de gewezen EDH-wereldkampioen. “Dat is al een eindje rijden om op de koers te geraken. Op zaterdag werk ik als zaalwachter in de sporthal van Zulte in onderbroken shiften. Dat betekent in de voormiddag werken, mij haasten naar de koers en meteen na de wedstrijd naar huis voor de avondshift. Ik kan me niet echt permitteren om ver te gaan koersen of lange wedstrijden te rijden.”
“In Vlaanderen zijn er weinig Elite 3-organisaties”, gaat Ronsse verder. “Vorige week heb ik wel in Wervik gekoerst. Een afwachtingswedstrijd van de Omloop van de Grensstreek, de interclub voor elites en beloften op de kalender van de Beker van België. Daar was John-Ross Clauw de sterkste en werd ik 5e.”



Fietsverslaving
Om in wedstrijden van 80 tot 95 km mee te doen voor de winst moet je regelmatig trainen. “In oktober van vorig jaar 2023 trok ik een week naar Egypte op vakantie”, verduidelijkt Ronsse. “Eigenlijk was ik van plan te stoppen met koersen. Want 2023 was voor mij persoonlijk geen goed seizoen. Luc Saey en mijn ploegmaats hebben me kunnen overtuigen om verder te doen. Ik moet eerlijk zijn: van half oktober 2023 tot eind augustus 2024 heb ik slechts 3 dagen niet gefietst.”
Dat klinkt een beetje gek. “Ik fiets elke dag”, benadrukt hij. “Soms tot 2 maal per dag. Als ik na de avondshift van mijn werk thuiskom, kruip ik rond 23 uur nog eens op mijn rollen. Omdat ik denk dat ik die dag niet genoeg trainde. Op dat vlak is het bij mij redelijk autistisch. Jawel, ook op feestdagen train ik. Dan doe ik meestal met een maat een lange duurtraining. Soms tot 200 km. In een normale week zit ik 400 tot 450 km in het zadel.”
Met andere woorden: Gauthier Ronsse is verslaafd aan de fiets. “Door veel te trainen ben ik iets sterker dan de gemiddelde Elite 3-renner”, besluit hij. “Ook al heb ik niet het grootste talent. Dit jaar koerste ik een 3-tal keer bij de Elite 2 en haalde ik 2 keer het podium. Maar de sfeer op de wedstrijden bij EDH vind ik veel aangenamer. En het is beter te combineren met mijn job.”