Wat een seizoen! Jarno Bellens stond op 25 februari 2024 in Gent-Staden als 3e op het podium naast Kobe Vanoverschelde en Wesley Van Dyck. Nadien won hij Romsée-Stavelot-Romsée en Omloop van de Grensstreek. De ex-veldrijder van het Stageco Cycling Team sloot z’n wegcampagne af met winst in de Grote Prijs Jules Van Hevel in Ichtegem. Uiteraard loopt hij in de kijker bij verschillende profteams.


Hobby of beroep
De 24-jarige Elite 2-renner uit Heist-op-den-Berg had contact met Hans De Clercq en Team Flanders-Baloise, de Vlaamse opleidingsploeg. Die contacten sprongen af. Bellens staat ook in de belangstelling van Beat Cycling Club en TDT-Unibet, Nederlandse formaties actief op respectievelijk continentaal en procontinentaal niveau. Gaat hij daarop in?
“Ik moet zeggen dat de contacten met TDT-Unibet en Beat op dit ogenblik niet echt concreet zijn”, geeft Bellens toe. “Het zou tof zijn indien ik van een hobby mijn beroep kan maken. Momenteel werk ik in de farmaceutische sector. Wat niet slecht wordt betaald. Als er een concreet voorstel komt, ga ik een knoop moeten doorhakken.”
Bellens is nog jong. Zijn wielerdroom najagen mag altijd. Dit jaar heeft hij bewezen dat z’n regelmaat groot is. De Antwerpse Elite 2-renner stond er van de 1e tot en met de laatste koers. In z’n debuutwedstrijd haalde hij het podium. De slotkoers van het seizoen in Ichtegem, net als Gent-Staden een interclub met een zekere standing, sloot hij zelfs winnend af.



Op verrassing spelen
“Dit was een moeilijker toertje dan aanvankelijk gedacht”, beweert Bellens. “De wind maakte het zwaar. Herhaaldelijk werd het peloton op de kant getrokken. Bovendien raakte ik betrokken bij de 1e valpartij van deze koers. Waardoor ik toch vrij lang tussen de volgauto’s hing. Eens ik weer in het peloton zat, kon ik altijd goed meeschuiven met de belangrijkste moves.”
Nog voor halfweg deze interclub werd een kopgroep van 16 gevormd. Jarno Bellens tekende onmiddellijk present. Net voor de finale konden enkele renners nog de sprong naar de ruime leidersgroep voltooien. In die finale konden 6 renners zich loswerken. Net als Tom Acke kon Jarno Bellens naar Kenneth Verstegen, Matthew Van Schoor, Alex Vandenbulcke en de Nederlander Kevin Nooijen rijden. In de slotkilometer toonde de pion van Stageco zich de sterkste.
“Matthew Van Schoor sprong, Kenneth Verstegen probeerde dat gaatje te dichten, maar dat lukte niet helemaal”, doet Bellens het verhaal van de laatste hectometers. “Ik kon wel in 1 ruk naar Van Schoor rijden. Daarna trok ik door. Wat volstond om deze interclub te winnen. Na zo’n zware wedstrijd was ook bij mij het beste eraf. In die kopgroep van 6 wist ik dat ik op verrassing moest proberen spelen. Dat is gelukt.”


BvB geen teleurstelling
Een mooie afsluiter van het seizoen voor Bellens. Dat begon met een 3e plek in Gent-Staden. Een week later zegevierde hij in Brustem. Daarna volgde een 5e plaats in de 1e Grote Prijs Florian Vermeersch, opnieuw een 3e podiumplaats in de B-Z Fruitroute, een week later winst in Romsée-Stavelot-Romsée. Deze zomer volgde een 7e plek in de eindstand van de Ronde van Vlaams-Brabant en een 3e plaats in het eindklassement van de Ronde van Namen. Met winst in de Omloop van de Grensstreek in Wervik zette hij een belangrijke stap richting eindzege in de Beker van België. In de finale in Berlare verspeelde hij die leiding.
“Eigenlijk was die Beker van België nooit een doel”, benadrukt Bellens. “Door een ongeval miste ik de wedstrijd in Galmaarden. Met een Vlaamse selectie trok ik eind augustus en begin september naar een rittenkoers in Turkije. Waardoor ik de proef in Fleurus miste. Dat ik in de laatste wedstrijd de leiding nog moest afstaan aan Han Devos was voor mij niet echt een teleurstelling.”
In die eindstand werd hij 3e. Dankzij al deze resultaten reed Bellens zich in de kijker. De stap naar de profs zetten is nog altijd een optie. “De gesprekken met Team Flanders-Baloise ketsten af”, vertelt hij. “Ik heb nog gesprekken met TDT-Unibet en Beat, maar een concreet voorstel is er niet. Het ziet er naar uit dat het ook volgend jaar Stageco zal worden. Dat is niet erg, maar uiteraard hoop ik nog altijd een beetje om een stap hogerop te kunnen zetten.”


