
Gevraagd naar hun favoriete ronde zullen niet weinig wielerliefhebbers kiezen voor de Vuelta. Die staat jaarlijks garant voor een spectaculair parcours, zij het dat de concurrentie – en bijgevolg de sportieve spanning – soms wat dunnetjes is. Wie op 23 augustus 2025 in Turijn (Italië, jawel) aan de start staat, weten we nog niet. Dat het eens te meer een loodzware ronde wordt, weten we wel al.


Vertrek in Italië
De Vuelta 2025 zal vertrekken in Turijn, in het noorden van Italië. De Spaanse organisatoren hollen daarmee de Franse en Italiaanse trend achterna om de ronde van hun land te laten starten in het buitenland. De eerste 3 dagen blijven de renners aan de bovenzijde van de laars, met eerst een sprintersetappe, gevolgd door een aankomst op de lichtoplopende Monte Piëmonte in Limone. Na een 3e rit op Italiaanse bodem steekt het peloton de grens over voor een ‘geaccidenteerde’ etappe naar Voiron in Frankrijk.
’s Anderendaags volgt een transfer naar het noorden van Spanje, waar de renners ongeveer 10 dagen kriskras enkele regio’s zullen doorkruisen. Eerst in Figueras, de stad van Salvador Dalí, waar een ploegentijdrit geprogrammeerd staat. Blij weerzien met die discipline, want het is al enkele jaren geleden dat er nog eens met het merkenteam tegen de klok werd gereden. Maar de afstand, 20 km, is wat kort om grote verschillen te maken.
Dat zal anders zijn in de volgende etappe met aankomst in het Andorrese skistation Pal. Na 2 cols van 1e, 1 van 2e en 1 van 3e categorie. Ook etappe 6 heeft een copieus klimmenu en eindigt boven op Cerler, in de Spaanse Pyreneeën. Na die rit zullen sommige klassementsmannen hun ambities al mogen bijstellen, zoveel is zeker. Na een tussendoortje met een sprintersetappe naar Zaragoza moeten de renners op dag 9 omhoog tot het skistation van Valdezcaray. 4 aankomsten bergop in de 1e week, dan verdienen de renners een rustdag.



Moordende bergetappes
De organisatoren vinden dat blijkbaar meer dan genoeg: etappe 10 eindigt alweer bovenop een berg, de Ferrial Larra-Belagua. Rit 11 speelt zich af in Baskenland, rond Bilbao. Daar moeten uiteraard een aantal pittige, zij het niet al te lange klimmetjes worden afgewerkt. Waarna weer een rit volgt met 2 flinke klimmen onderweg maar met een vlakke aankomst. 13 is een ongeluksgetal: etappe 13 eindigt op de verschrikkelijke Angliru, door vele volgers als de zwaarste klim van Europa beschouwd. En het gaat maar door: de volgende dag aankomst boven op de Alto de la Farrapona, nadat eerst de loodzware Puerto San Lorenzo dient te worden overwonnen. Na een rustig ogende etappe volgt de 2e rustdag.
De slotweek begint met alweer een soort van Ardennenklassieker, met aankomst boven op een nijdige helling. En ook rit 17 eindigt flink bergop, op de Alto de el Morredero. De klimmers moeten dan al minuten hebben gepakt op de tijdrijders die de volgende dag 26 km mogen knallen. Net voor het slotweekend komt er dan een 3e kans op een massaspurt met een biljartvlakke etappe naar Guijuelo.
Zaterdag is de kans om de macht te grijpen met de helse klim naar de Bola del Mundo, in de buurt van Madrid. 21 km aan 6,3% gemiddeld, met een slotkilometer van 13% en stukken tot 20%. Sommigen zullen terwijl ze bergop fietsen de remmen moeten dichtknijpen om niet achteruit te bollen. Op zondag 14 september 2025 eindigt deze loodzware ronde met een criterium in Madrid.



Pocketklimmers
Deze Vuelta zal meer dan ooit voer voor pocketklimmers zijn. De helft van de etappes eindigen bergop, veelal op steile rotdingen. Toch is er geen enkele etappe die meer dan 2 cols van 1e categorie telt. Het aantal hoogtemeters per wedstrijddag is al bij al nog haalbaar. Als topfavorieten moeten we – als ze deelnemen – uiteraard Pogačar, Vingegaard en in iets mindere mate Evenepoel, naar voor schuiven.
Maar Roglič zou zeker ook een gooi naar een 5e eindzege kunnen doen, waardoor hij alleen recordhouder zou worden. Nu moet hij die titel nog delen met de Spanjaard Roberto Heras die begin van deze eeuw ook 4 keer won. Het is uitkijken wat de overige Belgen kunnen doen. Met dit profiel moeten Lennert Van Eetvelt en Cian Uijtdebroeks zeker ook wel een ritje kunnen meegraaien. En voor de massaspurten zijn Merlier en Philipsen al quasi certitudes.
WielerVerhaal Giveaway: een paar Ergo 6 raceschoenen van SIDI!
