
Cycling Team Luc Wallays Jonge Renners Roeselare ziet voor het eerst in jaren het aantal renners teruglopen. Met circa 15 tot 20%. De club van voorzitter Kris Hanne wil die evolutie kordaat een halt toeroepen. Met ex-renner Jurgen Timperman werd een sportief coördinator aangesteld. Hij krijgt de opdracht de club in zijn 22e levensjaar te professionaliseren.


Podium met Van De Paar
In de persmap 2025 van Jonge Renners Roeselare tellen we 77 namen: 3 meisjes, 6 miniemen, 25 aspiranten, 16 nieuwelingen en 27 junioren. In het recente verleden had de club altijd meer dan 100 actieve leden. In 2024 nog 108. Enkele renners kapten met de wielersport, anderen transfereerden. Naar Acrog-Tormans (Ralph-Jan Lauryssen en Kaylee Servranckx), Onder Ons Parike (Ferre en Alix Bekaert, Emile Vanspeybrouck) of The Lead Out Cycling Academy (Gust Depraetere en Matthis Moyaert).
Het bestuur van Jonge Renners Roeselare, waar voorzitter Kris Hanne, secretaris Geert Wallays en penningmeester Fangio Hoorelbeke de raad van bestuur vormen, blijft niet bij de pakken zitten. Om deze evolutie tegen te gaan werd met Jurgen Timperman een sportief coördinator aangesteld. Hij koerste zelf 4 seizoenen voor de club uit Roeselare en boekte in 2016 als 2e jaars nieuweling in De Haan 1 overwinning.
“Ik ben nog altijd fier dat ik toen in De Haan het podium deelde met Jarne Van De Paar, nu prof bij Lotto”, glundert Timperman. “Neen, in de sprint heb ik hem niet geklopt. Ik kwam solo over de streep. Jarne won de spurt om de 2e plaats. Tot vorig seizoen heb ik zelf gekoerst. Bij de beloften kende ik met een sleutelbeenbreuk en schouder uit de kom wat te veel pech. In die periode leerde ik ook een ander deel van het leven kennen.”


Veel samenwerkingen
Timperman is intussen 24 jaar. Om het Masterdiploma Lichamelijke Opvoeding en Bewegingsleer te halen, moet hij enkel nog een stage afwerken. Al een 3-tal jaar verzorgt hij bij Jonge Renners Roeselare trainingen voor aspiranten. Hij is intussen ook aan de slag in de wielerschool van MSKA Roeselare, waar circa 30 jongeren een wieleropleiding krijgen. Sedert enkele weken is z’n takenpakket bij de jeugdclub van voorzitter Hanne uitgebreid.
“Sportief verantwoordelijke houdt in dat ik erover moet waken dat we als club alles aanbieden wat een jeugdrenner nodig heeft”, verduidelijkt Timperman. “Onder meer een trainingsaanbod en -kalender. We werken samen met de Flandriens van de Toekomst. Zij organiseren wielerkampjes voor miniemen en aspiranten en gaan dat ook voor nieuwelingen doen. Ex-renner Jelle Wallays staat in voor de inspanningstesten. We willen ook contacten leggen met een sportpsycholoog. Richting 2026 willen we als club een stap vooruit zetten.”
Jonge Renners Roeselare wil inspelen op een recente trend. Want veel teams uit de WorldTour hebben intussen een eigen U19-ploeg. “Vandaar dat ook wij een stapje moeten zetten in de professionalisering van onze club”, benadrukt Timperman. “Wij hebben een pak minder budget dan die WorldTour-teams. En dus doen we het met diverse samenwerkingen.”


Iedereen blijft welkom
Inzetten op professionalisering betekent niet dat de filosofie van Cycling Team Luc Wallays Jonge Renners Roeselare wijzigt. “We blijven een open club, iedereen mag bij ons komen, ongeacht het niveau”, benadrukt Timperman. “Selecteren wie mag komen en wie niet, gaan we niet doen. Wij gaan de renners zo goed mogelijk begeleiden. Om iedereen te laten uitgroeien tot de beste versie van zichzelf.”
Bij de junioren wordt ook bij Jonge Renners Roeselare al gewerkt met data. “Wat ons extra inzicht geeft in het potentieel van onze junioren”, vertelt Timperman. “Volgend jaar willen we vanuit de club zelf trainers aanbieden. We proberen dit jaar zoveel mogelijk data te verzamelen over onze renners. Om daar vanaf 2026 echt mee aan de slag te gaan.”
Tegen dan wil de club ook een sportpsycholoog aan de club binden. Is dat ook bij tieners al nodig? “Nodig is niet het juiste woord, maar het kan helpen”, reageert Timperman. “Je moet dat zien als een extra hulpmiddel. Want je moet niet alleen fysiek, maar ook mentaal ontwikkelen. Misschien had ik er zelf met wat extra ondersteuning meer uitgehaald. Het gevaar bij jongeren is dat ze gaan vergelijken met anderen. Dat doen ze beter niet. Progressie zien bij jezelf is het belangrijkste.”


