
Voormalig profrenner Jelle Wallays (36) heeft begin november 2025 zijn looper laten verwijderen, een klein onderhuids toestelletje ter grootte van een USB-stick dat zijn hartritme jarenlang in real time opvolgde. De West-Vlaming vertelt open over die ingreep, de redenen erachter en hoe het is om als topsporter letterlijk onder toezicht te staan.


“Mijn hart is eigenlijk te sterk geworden”
“Ze hebben een jaar of 4 geleden een looper gestoken, op het moment dat ik naar Cofidis ging”, vertelt Wallays. “Dat was om mijn hart beter te controleren. Die batterij gaat ongeveer 3 jaar mee, dus nu heb ik hem eruit laten uithalen. Dat toestelletje is ongeveer 3 à 4 cm groot, net een USB-stick, en zat onderhuids ter hoogte van het hart. Het is geen zware operatie. Ze doen dat onder lokale verdoving. Het stelt niet veel voor, maar het moest toch gebeuren.”
De aanwezigheid van zo’n looper was nooit publiek bekend. “Ik denk niet dat we dat open gecommuniceerd hebben richting het publiek”, zegt Wallays. “Toen vond ik dat niet nodig. Maar nu hoor je wel vaker dat profs zo’n looper dragen. Het is gewoon extra controle. De data die het toestel verzamelt, gaan rechtstreeks naar het ziekenhuis. Die looper stond bij mij in verbinding met het UZ in Leuven. Alles werd doorgestuurd, à la minute. Als er iets fout liep, kregen ze daar een alarm. Maar bij mij is dat allemaal goed verlopen, nooit problemen gehad.”
De opvolging was niet zomaar routine. Wallays’ hart trok destijds al de aandacht van sportartsen. “Mijn 1e sportarts in Klerken zei meteen: ‘Amai, jij hebt echt een heel speciaal hart’. Een heel sterk hart, typisch voor een duursporter. Ik had soms een rustpols van 25. Dat sterke hart is een zegen maar ook een aandachtspunt. En dat zal het blijven, wat mijn hart is door al die duursport eigenlijk te sterk geworden. Die spier moet blijven werken, anders valt ze zogezegd in slaap. Dus ik zal moeten blijven sporten. Niet meer 25 uur per week zoals vroeger, maar wel recreatief.”



“Sommigen dachten dat er meer aan de hand was”
Volgens Wallays is dat fenomeen niet uniek. “Dat verhaal doet ook de ronde over Eddy Merckx, dat hij moet blijven bewegen. Bij mij is dat hetzelfde: mijn hart is extreem goed uitgerust om te sporten. Ik heb dat permanente toezicht echter nooit een probleem gevonden. De vraag kwam van hartspecialist Nick Hiltrop in Kortrijk. ‘Heb je er moeite mee dat we jou constant opvolgen?’, vroeg hij. Hij vond dat mijn hart te veel afweek van het normale. Voor de zekerheid wilde hij die looper laten plaatsen. Ze kunnen echt alles zien wat er gebeurt met je hart. Ik ben ermee akkoord gegaan. Ik zag dat alleen maar als iets positief. Mocht er iets mis zijn, konden ze meteen ingrijpen.”
Het idee dat artsen dag en nacht data ontvangen over je lichaam, klinkt beklemmend, maar Wallays bleef er nuchter bij. “Tijdens een koers zit je vol adrenaline, dan voel je niets. Als er dan iets zou gebeuren, zouden zij dat wel zien. Niet iedereen begreep toen even goed wat dat apparaat precies deed. Bij Cofidis waren ze in het begin wat bang. Ze geloofden niet dat het enkel ter controle was. Dat was moeilijk uit te leggen. Maar meten is weten. Hoe meer je over het lichaam weet, hoe beter je kunt reageren.”



“Ik was waarschijnlijk 1 van de eersten die dat had”
Volgens Wallays was de technologie toen nog nieuw in het wielrennen. “Ik denk zelfs dat ik 1 van de eersten was die dat had. Nu hoor ik dat er zelfs wachtlijsten zijn voor renners die zo’n implantaat willen laten plaatsen.” Over collega’s met een looper houdt hij zich discreet. “Ik weet niet wie dat nog heeft. Zolang je prof bent, gaat dat niet gecommuniceerd worden, denk ik.”
Ondanks de beperkte omvang, was de looper voortdurend aanwezig. “Je voelde dat altijd. Als ik scherp stond, kon ik het zelfs zien liggen onder de huid. Dus ja, ik ben niet rouwig dat hij eruit is. De timing van de verwijdering heeft ook te maken met mijn huidige leven. Door dat project van die 100 dagen was het lastig en daarna moest ik toch wat recupereren. Ik train nu nog, maar het is niet meer op profniveau. Nu sport ik meer op een gezondere manier.”
Dat Wallays nu zo open is over de ingreep, is nieuw. “Ik heb dat altijd een beetje verzwegen in mijn carrière. Niet omdat ik me schaamde, maar omdat het verkeerd geïnterpreteerd kon worden. Ploegen krijgen schrik soms van medische verhalen. Vaak ten onrechte. Nu mag dat allemaal geweten zijn. De controle na het verwijderen gaf alleen maar geruststelling. Ze zeiden: je hart is extreem goed uitgerust om te sporten. Geen enkel probleem dus.”
Intussen werkt Wallays aan verschillende projecten: hij begeleidt jongeren bij Cycling team Luc Wallays, de Jonge Renners Roeselare, is safety regulator bij Flanders Classics en traint samen met Sander Alaerts, een slechtziende fietser met ambities richting het WK Paracycling en ultiem zelfs de Paralympische Spelen van Los Angeles 2028. “Zijn droom is om hoger te geraken dan de kermiskoersen. Als ik hem daar kan helpen, zou dat fantastisch zijn.”
En dan is er nog zijn première van zijn 100 dagen-project. Maar daarover later meer!