Christoph Strasser (42) is de Mondo Duplantis van het ultrafietsen: ondanks zijn indrukwekkende prestaties weet hij de lat toch elke keer weer hoger te leggen. 6-voudig winnaar van de Race Across America en houder van meerdere wereldrecords met afstanden tot meer dan 1.000 km. Wat drijft hem nog steeds vooruit en hoe brengt hij die extreme uitdagingen tot een goed einde?


Verslaving
Christoph Strasser verzamelde talloze records en overwinningen binnen de wereld van het ultrafietsen. In 2002 waagde hij zich per abuis voor het eerst aan een 24-uurs fietsmarathon. Toen zijn vrienden ziek afhaakten vlak voor de start van een estafettewedstrijd, probeerde hij het dan maar alleen. Zijn wedstrijdcarrière begon 3 jaar later en sindsdien stapelde hij de successen op.
In 2021 slaagde hij er als 1e ooit in om 1.000 km binnen de 24 uur af te leggen. Op een vliegbasis haspelde de Oostenrijker rondjes af met een gemiddelde snelheid van 42,75 km/u. Strasser brak nog 10 andere wereldrecords, van een duur van 100 km tot meerdere dagen. Hij kan het ook in wedstrijdverband: zo won hij maar liefst 6 keer de Race Across America. Op zijn 42e staat hij nog steeds scherp, want in 2024 eindigde hij 2e in de Transcontinental Race. Hoe blijft hij zichzelf motiveren?
“Ik ben verslaafd aan grenzen verleggen, denk ik. Want dat is het: je kan jezelf altijd een beetje meer pushen, net iets verder gaan. Zoals een polsstokspringer na een nieuw wereldrecord de lat toch weer een centimeter hoger laat leggen”, duidt Strasser zijn drijfveer. “Toen ik in 2002 begon met 24-uursraces, had ik nooit gedacht verder dan 1.000 km in 1 dag te geraken. Na elke inspanning groeide dat doel echter in m’n hoofd – wat als ik nog iets harder push? Uiteindelijk ging het niet om de afstand, maar om het proces van verbeteren.”



275 Watt, 24 uur aan een stuk
Bij zijn recordpogingen trapte hij een dag lang wattages die de gemiddelde wielertoerist zelfs in zijn dromen slechts een uur volhoudt. “Alles staat of valt met een goede voorbereiding, zowel voor je lichaam als je hoofd”, duit hij. “Denk aan gestructureerde blokken, rustdagen en een steunend team. Ik mix lange trainingsritten aan lage intensiteit, intensievere duurtrainingen en echt krachtige intervaltrainingen”, verklaart Strasser zijn unieke prestatie. “Gemiddeld reed ik tijdens de Race Across America 165 Watt, tijdens het 24-uurrecord was dat 275 Watt genormaliseerd.”
Naast de voorbereiding was ook de recordpoging zelf een mentaal huzarenstukje dat aan weinigen besteed is. “Ik hield me vast aan korte doelen: elk rondje telt. Na 21 uur wist ik dat ik de 914 km van Ralph Diseviscourt had gebroken. Hoewel dat een boost gaf, waren de laatste uren een echte hel. Vooral door het slaapgebrek en de mistige omstandigheden.”
Toch vond de Oostenrijker een manier om steeds te blijven doorgaan. “Door zoveel mogelijk in het moment te blijven, kreeg het tijdsbesef me niet in zijn klauwen”, benadrukt hij. “Daar zijn technieken voor, zoals meditatie. Als ik mijn mentale grip toch dreigde te verliezen, dan visualiseerde ik mijn einddoel: die 1.000 km.”



Lessen
Naast het enorme slaapgebrek verbruikt een ultra-atleet extreem veel calorieën tijdens een meerdaagse inspanning zoals de Race Across America. “Voeding is enorm belangrijk. Ik verbrand zo’n 14.400 kcal in 1 dag. Je moet áltijd kunnen eten en drinken: op je fiets, in de regen, met trillende handen. Tot voor kort ging men ervan uit dat je maag niet meer dan 30 à 40 gram koolhydraten per uur kan verdragen. Ik gebruik 10 keer zoveel tijdens een lange race. Je moet je spijsverteringsstelsel echt trainen op een calorie-intake van 400 tot 600 kcal per uur.”
Strasser blinkt uit in totaal verschillende disciplines, want een unsupported uitdaging zoals de Transcontinental Race verschilt grondig van een recordpoging op een circuit. “Elk format vereist zijn eigen aandacht voor details: wattages, voeding, nachtritme en omgaan met tegenslagen. Ze vragen een heel andere filosofie. Bij een recordpoging heb je een team dat achter je aan rijdt, voeding klaarzet en je helpt bij pech. Het vereist 1 lange blok van concentratie en volharding. Bij de Transcontinental Race krijg je meer variatie, het monotone van recordpogingen weegt zwaar”, gaat Strasser verder.
“Je moet tijdens de TCR dan weer erg geconcentreerd blijven om het veilig te houden. En echt álles zelf plannen én uitvoeren. De route verkennen, eten vinden en jezelf uit een dip slepen. Die autonomie kost mentale energie – maar je wint enorm veel ervaring.”
Om te eindigen, vat Strasser zijn advies aan onze lezers samen. “Focus je op 3 dingen: training, voeding en mentale voorbereiding.” Voor ons maakt hij het mentale aspect graag concreter. “Richt je op blokken: 10 km, 1 uur. Bouw een positieve ervaring op: lach, praat tegen jezelf, visualiseer succes. Ook een team rond je is goud waard!”
Nieuwe reeks tickets te winnen voor het Wattage Festival in Oostende!

