
Cristina Tonetti won vrijdag 15 augustus 2025 de Grote Prijs Yvonne Reynders in Noorderwijk, een 1.1. UCI-wedstrijd. De Italiaanse wist het overwicht in de kopgroep van haar team Laboral Kutxa handig uit te buiten. Maar wie de wedstrijd volgde, was wellicht meer onder de indruk van Teniel Campbell. De renster uit Trinidad & Tobago werd finaal 2e en lijkt naar haar beste niveau te groeien.


Zonder team
Wie regelmatig naar vrouwenkoersen kijkt, had haar wellicht al eerder opgemerkt, zowel op de deelnemerslijst als in de wedstrijd. De renster uit Trinidad & Tobago is een zeer opvallend verschijning. Niet alleen is ze van donkere huidskleur – voorlopig nog steeds een uitzondering in het peloton. Met haar 1m83 torent ze ook letterlijk boven iedereen uit. Bovendien koerst deze ranke atlete bijzonder aanvallend en weet ze haar inspanningen ook om te zetten in resultaten. Vrijdag was zij de laatste die de sprong naar de kopgroep maakte, waaruit Tonetti dan wegreed. Maar Campbell ging haar nog achterna en greep haar bijna bij de lurven.
2 weken geleden in het avondcriterium in Herentals overklaste ze de tegenstand. Na een val was ze nochtans op achtervolgen aangewezen, maar ze zette een remonte in en reed iedereen voorbij om solo naar de overwinning te rijden. In het fel bezette criterium GP Bolle in Oetingen op 9 augustus 2025 zat ze ook al mee in de selecte kopgroep. Tot ook hier een crash roet in het eten gooide. Maar na weer een indrukwekkende achtervolging wist ze alsnog de sprint voor de 5e plaats te winnen. Want dat ze ook snel aan de meet is, had de 27-jarige Campbell op 28 juli in Boezinge bewezen, waar ze 2e werd in de massaspurt.
Teniel Campbell merkt dat we moeite hebben om de juiste klemtoon bij haar voornaam te leggen. “Zeg maar TC”, lacht ze. Een paar weken geleden kwam ze naar België om een resem kermiskoersen te rijden. Want ze zat voorlopig zonder team. “Noodgedwongen moest ik me beperken tot enkele kermiskoersen en criteriums”, legt ze uit. “Ik reed 4 jaar voor Liv AlUla Jayco, maar ik zat eind vorig jaar om verschillende redenen niet zo goed in mijn vel. Blessures en persoonlijke besognes. Daarom twijfelde ik zo lang bij de contractonderhandelingen dat de teams volzaten en ik geen plaats meer vond.”



Eerste UCI-punten
Bij Liv reed ze vooral in een dienende rol. “Ik ben snel maar niet ‘katterap’. Ik kan hard rijden maar ben net niet explosief genoeg. Ik kan zeker een heuvel op, zonder me een echte klimster te noemen. Ik ben dus veelzijdig maar niet de absolute top in 1 van de specialiteiten die garant staan voor overwinningen in een WorldTour-wedstrijd”, beseft ze. “Al won ik ooit een rit in de Ronde van de Ardêche in 2021 en werd ik 2e in de tijdrit in de Ronde van Spanje van 2022. Maar ik meen de voorbije weken wel te hebben bewezen dat ik nog wel een plaats in een UCI-peloton heb. Het continentale Smurfit Westrock Cycling Team had dat ook opgemerkt en bood me aan om hun kleuren te verdedigen voor de rest van het seizoen. In de GP Yvonne Reynders bedankte ik meteen door voor hen de allereerste UCI-punten dit seizoen te pakken. Ik ben intussen ook in gesprek met andere teams voor 2026. We zien wel waar we belanden.”
TC is afkomstig uit Hardbargain, een stad in Trinidad & Tobago, een land genoemd naar de 2 grootste eilanden van de Caraïbische eilandengroep voor de kust van Venezuela. Hoe belandt een Caraïbisch meisje dan finaal in een wielerpeloton in België? “Dat is een lang verhaal”, lacht ze. “Anders dan wat je zou verwachten, wordt er in mijn land veel gefietst. Het is zelfs een heel belangrijk transportmiddel. Meisjes en jongens leren het van kinds af aan. Mijn vader en broer waren wielrenners, mijn moeder was een lokale beroemde atlete. Haar foto hangt in een sportmuseum, iets dat ik nog niet kan zeggen. Mijn ambitie is dan ook om naast haar te gaan hangen”, lacht de schalkse renster.
Ze stelt meteen ons beeld van T&T als fietsontwikkelingsland bij. “Er zijn veel wedstrijden op de weg, op de baan en voor BMX. Dat laatste vooral voor kinderen. Ik startte in dat circuit toen ik nog niet eens 10 was. We hebben ook enkele goeie wielerpistes en een redelijk sterke traditie in het baanwielrennen. Op de piste komt het meer aan op explosiviteit. Daar zijn wij Trini’s wel goed in. Kijk maar naar de atletiek: we hebben goeie spurters, maar geen atleten op de lange afstand. Dat was in het wielrennen net zo. Ik ben de allereerste renner of renster van T&T die op WorldTour-niveau op de weg rijdt.”



WK Rwanda
Bij de junioren en als beginnende elite won ze alles wat er te winnen viel in de Caraïben en zo werd ze eind 2018 door de UCI ‘ontdekt’ en uitgenodigd voor een maandenlange stage in Aigle. “En daar werd ik dan weer opgepikt door het toenmalige Valcar-team, waar ik ploegmaat werd van Balsamo, Consonni en Persico. Een jaar later verkaste ik naar Jayco-Allula.”
De praatgrage Caraïbische ratelt verder. “Normaliter verblijf ik in Girona, maar via mijn manager wist ik een verblijf in het Flanders Hotel in Parike, als soort van stage, los te weken. Het bevalt me hier wel, het is aangenaam om te trainen langs het kanaal (we vermoeden dat ze de Schelde bedoelt, red) of in de Vlaamse Ardennen. Niettegenstaande ik er wel de goeie lichaamsbouw voor heb, ben ik echter niet zo’n fan van kasseien.”
TC is, niet verbazend, de leading lady van het wielrennen in haar land. Ze wordt dan ook steeds geselecteerd voor internationale kampioenschappen voor landenteams. “Ik ben meervoudig kampioene van mijn land in zowat alle disciplines waar ik start. Maar ik was dit jaar 3e op de Panamerikaanse Spelen, zowel in het wegwielrennen als het tijdrijden, waar de concurrentie wél sterk is. Volgend jaar 2026 hoop ik op de Pan-Amerikaanse spelen én de Commonwealth Games ook medailles te behalen. Maar eerst is er het WK in Rwanda. Mijn federatie contacteerde me 2 dagen geleden om me te vragen om zowel de tijdrit als de wegrit te rijden. Ik heb vooral ambitie in de tijdrit en ga dus vanaf volgende week weer op m’n tijdritfiets kamperen”, grinnikt ze.
