
Na bijna 10 jaar in de top van het Amerikaanse veldrijden zet Katie Clouse een punt achter haar carrière. De 24-jarige renster eindigde in februari 2025 nog als 13e op het WK in het Franse Liévin, 1 van de hoogtepunten van haar carrière. Toch hangt Clouse de fiets nu voorgoed op, vanwege de financiële uitdagingen in het Amerikaanse circuit.


Geen salaris
Terwijl Lucinda Brand en Fem van Empel verwikkeld waren in een titanenduel om de regenboogtrui, vocht Clouse in Liévin mee in een hevige strijd om de top 10. Samen met onder meer Sanne Cant, Denise Betsema en Marion Norbert Riberolle streed ze om de laatste plekken in de voorste groep. De Amerikaanse miste nipt de top 10, maar werd 13e en keek tevreden terug op de wedstrijd.
Clouse is geen onbekende naam in het veldrijden. In 2020 eindigde ze als 4e op het WK voor beloften in Dübendorf. Ze onderbrak haar veldritcarrière tijdelijk voor een avontuur op de weg bij Human Powered Health, maar leek in Liévin weer helemaal terug op haar plek. De top 10 haalde ze net niet, maar tevredenheid overheerste.
Toch betekende het Franse mijnstadje het einde van haar carrière. “Mijn 13e plaats in Liévin is misschien wel mijn beste resultaat ooit”, vertelde ze in Montana tijdens een dubbel interview voor WielerVerhaal en Cyclocross Social. “Ondanks de blijdschap van de uitslag was er ook een keerzijde. In Amerika krijgt geen enkele renner een salaris in de cross. Afgelopen zomer werkte ik parttime in plaats van een wegprogramma te rijden. Pas toen ik half december naar Europa kwam, kon ik volledig voor de sport leven. Dit was absoluut het maximaal haalbare met de middelen die ik had.”



Financiële druk
Doorgaan op dezelfde manier zag Clouse niet zitten. “Ik ben nu 24, en ik wilde mezelf blijven verbeteren. De Europese rensters rijden uitgebreide wegprogramma’s, werken met voedingsspecialisten. Om ooit mee te doen voor een top 10 of top 5 op het WK moest ik die stappen ook zetten. Zonder salaris was dat onmogelijk. Ik sprak met diverse sponsors, maar dat draaide allemaal op niks uit. Toen heb ik besloten te stoppen.”
Die keuze viel zwaar. Na 8 jaar in de top van het Amerikaanse veldrijden was het plots voorbij. “Ik hou nog steeds enorm van veldrijden, ik hou van wedstrijden, ik wilde dat het nooit om geld zou draaien. Bij mijn ploeg Steve Tilford Foundation kreeg ik al mijn reizen vergoed. Ik denk dat we de enige Amerikaanse ploeg waren met die luxe. Ik wil absoluut geen sneer uitdelen aan mijn voormalige team, maar ik ben nu op een punt dat er ook andere doelen zijn die ik wil nastreven.”
Wat die doelen zijn, heeft Clouse duidelijk op een rijtje. “Ik werk nu fulltime en volg extra lessen om volgend jaar toegelaten te worden tot de Master Geneeskunde. Ik ben altijd blijven studeren tijdens het fietsen en wil daar nu op voortbouwen. Ik hoop uiteindelijk met dat diploma binnen het wielrennen actief te blijven. Ook wil ik mijn kennis doorgeven aan de jongere generatie, daarom dat ik hier in Montana ben als coach. Er is zoveel in mij geïnvesteerd dat ik nu iets wil teruggeven aan de sport.”



Imposter Syndroom
Terugblikkend op haar loopbaan springen er 3 wedstrijden uit. Het WK van 2019 in Bogense, de Wereldbeker in Besançon 2021 en dus het WK in Liévin. “Mijn 7e plek in Bogense kan ik nu pas in perspectief plaatsen. Ik reed als juniore tussen Ceylin Alvarado en Inge van der Heijden, rensters die ik vooral van televisie kende. Het imposter syndroom sloeg toe, ik was geïntimideerd tijdens de wedstrijd. Ik moest knokken om posities, maar het voelde alsof ik daar niet hoorde te zijn.”
2 jaar later was dat helemaal anders. In Besançon eindigde Clouse als 9e in een Wereldbekermanche bij de elite. “Die wedstrijd was zo ongelofelijk modderig. Eerst kon ik niet goed uit de voeten op dat soort parcoursen, maar dankzij een transfer naar CyclocrossWorld ging het veel beter. Ploegmanager Stu Thorn heeft mij daar gemaakt tot de renster en persoon die ik nu ben. Daarvoor ben ik hem eeuwig dankbaar.”
Als dieptepunt noemt ze haar tijd bij Human Powered Health. “Ik zeg nooit dat ik daar niet had moeten tekenen, maar het kwam te vroeg. Het ritme van de WorldTour in combinatie met school was te uitputtend. De juniorenstructuur bij de meisjes was ook niet wat het nu is. Misschien is dat wel waarom ik actief wil blijven in de sport: om te voorkomen dat jonge meisjes dezelfde fout maken als ik destijds.”

