WielerVerhaal
  • Disciplines
    • Weg
    • Veld
    • Gravel
    • Mountainbike
    • Baan
    • Para Cycling
    • Vrouwen
    • Mannen
  • Routes en hellingen
    • WielerVerhaal Fietsroutes
    • GPX Fietsroutes
    • Cols en Hellingen
  • Materiaal
    • Materiaal
    • Reviews
  • Nieuwsbrief
  • Leestips
  • Fotospecials
  • Extra
    • Blik onder de motorkap
    • WielerVerhaal Giveaway Winnaars
    • WielerVerhaal team
    • Boekenshop
    • Contact

Beste Fietscontentplatform 2025 – België

WielerVerhaal

Meer resultaten...

Generic selectors
Exact matches only
Search in title
Search in content
Post Type Selectors
WielerVerhaal
  • Disciplines
    • Weg
    • Veld
    • Gravel
    • Mountainbike
    • Baan
    • Para Cycling
    • Vrouwen
    • Mannen
  • Routes en hellingen
    • WielerVerhaal Fietsroutes
    • GPX Fietsroutes
    • Cols en Hellingen
  • Materiaal
    • Materiaal
    • Reviews
  • Nieuwsbrief
  • Leestips
  • Fotospecials
  • Extra
    • Blik onder de motorkap
    • WielerVerhaal Giveaway Winnaars
    • WielerVerhaal team
    • Boekenshop
    • Contact
  • België
  • Beloften
  • Cyclocross
  • Elite
  • Interview
  • Nederland
  • Vrouwen
  • Noï Moes
  • Rapencross Lokeren

18-jarige Nederlandse wil opboksen tegen de gevestigde elite: ze mag nu vooral niet té streng zijn voor zichzelf

  • Alex Polfliet
  • november 2, 2025
  • 4 minute read

In Nederland lijken ze elk jaar wel een vers blik met nieuwe vrouwelijke wielertalenten open te trekken. Eentje daarvan is Noï Moes die zich vorig seizoen tot nationaal kampioene kroonde bij de junioren. Dit jaar 2025 zoekt ze zich een weg bij de elite vrouwen. Maar als 18-jarige is het niet evident om tegen het internationale mature vrouwengeld op te boksen. Zo ervaarde ze ook in de X²O-cross in Lokeren.

Foto: Jo Pijpops.

Niveauverschil overbruggen

Net voor de Rapencross in Lokeren is Noï Moes de rust zelve. Ze is een jong talent uit de kweekvijver van de Schijndel-brigade en deed het heel goed bij de U19, zowel op de weg als in het veld. Vorig veldritseizoen werd ze Nederlands juniorenkampioene in Oisterwijk en pakte ze ook de zegetuil op de VAM-berg in Wijster. Daarnaast reed ze nog een hele resem ereplaatsen bij elkaar.

En ook op de weg fietst Moes al een aardig palmares bij elkaar. Ze won de Omloop van Schijndel in Nederland en een nationale juniorenwedstrijd in Hulste in West-Vlaanderen. Op het Nederlands kampioenschap Tijdrijden eindigde ze op het laagste trapje van het podium, nadat ze 3 dagen eerder op het wegkampioenschap ook al knap 5e was geworden. Duidelijk een jonge vrouw met vele kwaliteiten, die haar weg in het peloton nog volop zoekt.

“Ik weet niet echt wat ik er hier in Lokeren van moet verwachten”, zegt ze voor de start. “Ik ben nog maar net overgestapt van de junioren naar de U23. Dit is een nieuwe stap, ik beland in een nieuwe fase waarin ik vooral nog heel veel moet leren. De zin is er natuurlijk wel, het is allemaal heel erg spannend. Al die wedstrijden tussen de ‘grote vrouwen’ mogen rijden, dat is wel leuk!”

De eerste crossen die ze dit jaar tussen de ‘groten’ reed, eindigde ze rond de 20e plaats. Niet slecht op zo’n jonge leeftijd. De koers uitrijden is dan al een prestatie op zich.

Hopen op EK-selectie

Of ze er bepaalde type wedstrijden of klassementen uitpikt bij het opmaken van haar kalender, polsen we. “Ik bekijk het wedstrijd per wedstrijd. Ik wil graag de beloftenwereldbekers rijden, dus bij de U23, maar ik moet eerst geselecteerd worden. Bij de junioren mocht ik er van uit gaan dat ik op het lijstje van de selectieheren stond en kon ik daar vooraf in de planning rekening mee houden. Maar nu moet ik afwachten. Zo weet ik pas maandag 3 november 2025 of ik volgend weekend het Europees kampioenschap in Middelkerke zal rijden.”

“Ik hoop er bij te zijn, maar als dat niet zo is, dan leg ik me daar bij neer. Ik ben nog maar 1e jaars en het seizoen is nog lang. Er is nog tijd om me te bewijzen. Ik wil dit jaar vooral heel veel leren. Helaas verlies ik nu veel UCI-punten die ik vorig jaar bemachtigde, waardoor mijn startorde achteruit schuift. Ik hoop dus in de loop van deze winter wel terug wat puntjes te sprokkelen.”

We vragen haar welk type renster ze op de weg is. “Dat is moeilijk om zelf te zeggen”, vindt ze. “Ik heb me eigenlijk nog niet op een bijzonder onderdeel toegespitst. Kan het eigenlijk allemaal een beetje en ben in niets echt supergoed. Ik kan behoorlijk tijdrijden, ik ben niet traag en kan een helling op. Al ben ik niet iemand voor een 10- minutenklim. Eerder dus een beetje een allrounder, laat ik het zo zeggen”, lacht ze.

En in het veld? “Ik hou wel van zware omlopen. Maar tegelijk heb ik er voor gekozen om de Koppenbergcross te skippen. Dat is momenteel, als jonkie tussen de volwassen vrouwen, toch nog té zwaar. Zo’n cross wordt dan al snel een wedstrijd tegen jezelf, ik weet niet of ik daar de lol uit zou halen. De kans bestaat dan ook dat je de wedstrijd niet eens kunt uitrijden. Voor zo’n omloop ontbreekt het me op jeugdige leeftijd nog wel wat aan kracht. Maar in de toekomst wil ik de Koppenberg wel doen, want het is een heel mooie wedstrijd. Nu kwam die gewoon te vroeg.”

Toch al 10 jaar ervaring

Ook de Rapencross was best een lastig rondje. “Het gaat de hele tijd op en af, veel draaien en keren. Ik hoop een goeie start te hebben en start op de 3e startrij als 20e in een groep van 44”, klonk het vooraf. “Op grote delen van het parcours kan je moeilijk voorbijsteken en dus is het zaak om in een goeie positie het park in te duiken. Dan kan je op de Mont Henri misschien naar boven fietsen, want als het voor jou stropt, dan moet je ook te voet omhoog. Ik wil hier vooral ook weer leren, elke cross beter worden en zien waar het schip strandt.”

Noï Moes begon met koersen toen ze 8 werd, dus 10 jaar geleden. “Het was eigenlijk mijn moeder die me inspireerde, want die komt uit een wielerfamilie”, vertelt de tiener. “Het is me dus een beetje met de paplepel ingegeven. Al heb ik nooit druk ervaren van mijn ouders. Die wilden dat ik deed wat ik graag wilde doen. Ik heb gedanst, getennist, maar finaal toch de liefde voor de fiets gevonden. Van jongs af aan combineerde ik het veldrijden met wegkoersen. Lokeren is voor mij een nieuwe omloop. Deze cross is een  tijdlang van de kalender verdwenen, dus stond ik hier nooit aan de start. Maar ik had vooraf wel al wat filmpjes bekeken over onder meer het Belgisch kampioenschap dat hier plaatsvond. Zo had ik vooraf wel al een beetje een idee van hoe het er hier bij ligt.”

Over haar verdere ambities blijft ze voorzichtig en bescheiden. “Ik hoop ooit prof te worden. Dat is wellicht de droom van elke wielrenster. Ik hoop in ieder geval om de komende jaren nog verder te groeien, elk jaar een stapje vooruit te zetten.”

Na de cross spreken we haar nog even. Ze is toch wat teleurgesteld met haar 22e plaats. “Ik had nooit echt het goeie gevoel in de benen.” Op zich is dat een goed teken: ze is niet gauw tevreden. Maar als we even later door de uitslag pleuren, valt ons toch op dat alle rensters die voor haar eindigden ouder zijn dan haar. Noï Moes moet dus niet te streng zijn voor zichzelf en wat geduld oefenen. Ze komt er wel!


Lees meer artikels

Crosstalent (20) moest haar wonden likken na gemist jaar van de bevestiging: “Kan nu weer mee met internationale top”
LEES MEER

 

Alles wat je moet weten over de X²O Trofee 2025-2026: dit jaar met bonificaties voor de snelste rondetijden
LEES MEER

 

Baloise Trek Lions zetten hele Rapencross naar hun hand – inclusief algemeen klassement van de X²O Badkamers Trofee 2024-2025
LEES MEER

 

Share
Tweet
Share
Alex Polfliet

In zijn jeugdjaren (15 -19) was Alex een niet onverdienstelijk coureur. Maar niet goed genoeg om van een profbestaan te dromen. Hij stopte met competitiewielrennen, maar de liefde voor de fiets en de passie voor de koers bleef. Zo probeert hij elk jaar 10.000 km op zijn conto bij te schrijven. Exuberanter is zijn bucketlist: in zijn leven 500 verschillende cols opfietsen. Er resten hem nog 70 bergen om dat ultieme doel te kunnen afvinken. Alex was zowat de 1e die fietsgidsen schreef voor maniakale wielertoeristen die kicken op bergop rijden. Hij is auteur van ‘Fietsen in de Franse Alpen’, ‘Fietsen in de Pyreneeën’, ‘Fietsen in de Vogezen’, ‘Fietsen nabij de Italiaanse Meren’ en ‘Fietsen in het Zwarte Woud’. Ook schreef hij een boek over het veldrijden, ‘Kampioenen van het slijk’.



WielerVerhaal

Input your search keywords and press Enter.