
Het Baskische peloton wielerliefhebbers houdt de adem in. Hun geliefkoosde ploeg Euskaltel-Euskadi, steevast herkenbaar in oranje uitrusting, lijkt nogmaals een moeilijke toekomst in de ogen te kijken. En dat ondanks een wereldreis, een Nederlandse Pool en de guidon vanonder. Onverbiddelijke concurrentie na een opzienbarende regelwijziging zit hier, opnieuw, voor iets tussen.


Dromerige hoogdagen
Heuvels groener dan de bureaulamp van de bekendste advocaten gedecoreerd met slingerende wegen leidend naar schitterende vergezichten vol runderen, schuimende golven en wielergekke locals. Onder hen de intussen 81-jarige Miguel Madariaga, in 1983 aan het stuur van het bestuursorgaan van zijn eigen, heuvelachtige Baskenland. Letterlijk. Hij was namelijk chauffeur van dienst en leerde zo José Alberto Pradera kennen. Het ingenieuze duo stak in 1992 de koppen bij elkaar en smeedde plannen om een Baskische wielerploeg op te richten. En zo geschiedde!
In 1994 zag Euskadi-Petronor het levenslicht vanuit la Fundación Ciclista Euskadi. Telecomoperator Euskaltel veegde de oorspronkelijke financiële perikelen al snel van tafel en zorgde zo voor stabiliteit. Sportieve orgelpunten volgden meteen: prestigieuze etappezeges in de Vuelta en de Tour, een Pyreneeënrit nota bene, omstreeks de eeuwwisseling als meest spraakmakende resultaten. De wielergekke Basken konden nog harder jubelen in 2003. Het team behaalde een dubbele top 10-notering in het klassement van de Tour de France én er was de spraakmakende ritwinst naar Alpe d’Huez vanwege de illustere Iban Mayo. De jaren nadien werd de ploeg echter geteisterd door blessures, ziekte en kassei-etappes in de grootste koers ter wereld.
Budgettaire perikelen en, destijds al, de zoektocht naar UCI-punten bleven doorheen de jaren opspelen. Deze punten zijn nodig om potentiële deelname aan de grootste wedstrijden af te dwingen. Het team hakte mede door die puntenstrijd in 2012 dan ook de knoop door om niet langer exclusief Basken aan te trekken. De enige uitzondering tot dan toe was Samuel Sánchez, geboren in Asturië, maar blijven plakken in het Baskenland door de koers. Sánchez bedankte met onder meer Olympisch goud en een 2e plaats in de Tour de France, weliswaar na het schrappen van dopingzondaars Contador en Menchov. Euskaltel-Euskadi kwam nadien echter steeds minder en minder in beeld. De monetaire inbreng van de trouwe socios bleef, maar wanneer ook de overheidssteun niet veel later geschrapt werd, viel het doek over de oranje formatie.



Mikel Landa
In 2018 werd 1 van de beste Spanjaarden op 2 wielen overvallen door nostalgie. Mikel Landa, steevast met de guidon vanonder wanneer het gebergte aanbreekt, reed als jonge knaap zelf rond in dat oranje tenue. Later dat jaar maakte de Bask dan ook 2 transfers. Zijn overstap van het machtige Team Sky naar een rol als kopman bij Movistar, gedeeld met Nairo Quintana, mocht er zeker zijn. Mogelijks nog spraakmakender was het feit dat hij ervoor zorgde dat het Fundación Euskadi herrees.
De daaropvolgende groei ging razendsnel. Amper 2 seizoenen later, in 2020, kreeg de ploeg reeds een licentie als UCI ProTeam. Tussendoor breidde het uit met zowel een afdeling voor beloften als een vrouwelijke tegenhanger. Als kers op de taart keerde Euskaltel terug als naamsponsor! De cirkel leek rond.
De laatste jaren kende het team weer een internationalisering, ook nu gepaard met gemor van fans. Enkel Basken in de rangen blijkt op de lange termijn geen succesrecept. Anno 2025 telt de formatie 6 renners met een andere nationaliteit – waaronder de broers Danny en Axel van der Tuuk onder respectievelijk de Poolse en de Nederlandse vlag.



Herkenbare spelbreker
L’Union Cycliste International wil de lat in de toekomst hoger leggen. Dit terwijl bij veel ploegen het water al aan de lippen staat wegens de altijd moeilijke zoektocht naar budget. De wielerunie doet dit aan de hand van strengere regels omtrent deelname aan de grootste wedstrijden van het seizoen, de 3 Grote Rondes. Laat net die koersen een cruciale hefboom zijn voor ploegen als Euskaltel-Euskadi tijdens gesprekken met potentiële geldschieters.
Vanaf 2026 moeten teams namelijk in de top 30 staan om kans te maken op een uitnodiging voor zo’n Grote Ronde. Top 40 is niet langer goed genoeg volgens de beleidsmakers in Zwitserland. De Basken schipperen al jaren rond plek 35 en zouden hierdoor dus niet meer in aanmerking komen om deel te nemen aan hun geliefkoosde Vuelta.
De laatste reddingsboei voor Euskaltel-Euskadi was het afschuimen van obscuurdere wedstrijden verspreid over de globe die we thuis noemen. Een laatste zoektocht naar cruciale punten. De achterstand op het nummer 30 is echter nog steeds gigantisch. De jammerlijke geschiedenis (incluis opdoeking?) lijkt zich te gaan herhalen, of herbergen die groene heuvels nóg een mecenas als Landa?
Bijdrage van Pepijn Cosemans.