
In een vorige bijdrage namen we je mee naar het zogenaamde opwarmertje Col du Donon. Niet veel verder ligt de top van de Champ du Feu, die met zijn top op 1.100 meter als een serieuze col mag worden beschouwd. Wij reden 2 beklimmingen op deze berg, maar er zijn meer dan 6.450 hoogtemeters te verzamelen.


8 flanken om te beklimmen
De top van ‘Le Champ du Feu’ is de plek waar op de D214 een observatietoren staat, midden een rondpunt. De toren is bouwvallig en niet meer te betreden. We bevinden ons hier op 1.099 meter hoogte en de weg loopt van noord naar zuid, of omgekeerd. Maar wat verder, langs beide richtingen, vervoegen er tal van wegen die D214. Dat maakt dat je de Champ du Feu eigenlijk langs 8 flanken kunt beklimmen. Wie dat in 1 rit wil doen, zou zo’n 6.450 hoogtemeters op de teller hebben staan. Een schier onmogelijke opdracht. Het zegt wel iets over het kaliber van deze heuse col.
Met ons veel te grote – en bijgevolg ook te zware – lijf kiezen we ervoor om de 2 langste beklimmingen te doen. Dat maakt dat het hoogteverschil meer wordt uitgespreid. We starten in Rothau, 3 km ten zuiden van Schirmeck-La Broque. Dat was ook het vertrekpunt om de Donon te doen, dus een prima uitvalsbasis. In Rothau slaan we links de D130 in en meteen beginnen we aan de noordwestelijke kant van die Champ du Feu.
Gezapig klimmend volgen we het beekje La Rothaine tot Neuviller-la-Roche, waar de baan scherp links draait en we het dal van de Rothaine verlaten. De klim geeft er meteen een ruk aan, maar in de volgende bocht houdt hij alweer een beetje in. Wéér een bocht verder beslist de klim dan toch om echt ‘col’ te worden. De weg slingert zich de volgende 5 km door het dennenbos aan een gemiddelde van 7%. Dat noopt je om je gebruikelijke klimritme aan te nemen, de spieren te spannen, het stuur krachtig te omklemmen en je mond een verbeten trek aan te meten.


Concentratiekamp Le Struthof
Links van je schuift langzaam het concentratiekamp ‘Le Struthof’ voorbij. Dat was een Duits concentratiekamp tijdens de Tweede Wereldoorlog, dat nu als museum en gedenkplaats is ingericht. Het was het enige door de Duitsers opgezet concentratiekamp op het huidige Frans grondgebied. In totaal 52.000 gevangenen dolven er het door de nazi’s fel gegeerde rode graniet op. 22.000 van hen overleefden de gruwel niet. We trachten onze ademhaling te controleren, om uit respect voor de slachtoffers de stilte niet te doorbreken.
We klauteren verder en merken inderdaad dat de rotsen hier een wat vreemde roodroze kleur hebben. Een eindje verder passeren we links een picknickplaats. Dat is een herkenningspunt waar we ervaren dat het wat minder steil wordt. Het ruwe asfalt verhindert echter dat de klim lekker loopt. Even verder wil de col je een laatste keer pijn doen, want er wordt 1 km aan 8% onder de wielen geschoven. Maar daarmee hebben we het kwaadste gehad. We bereiken de D214 en slaan rechts af. We bevinden ons nu op 1.000 meter en dus 100 meter onder de top. Maar om die te bereiken, moeten we nog 8 km fietsen over een brede golvende weg, tot we de vernoemde observatietoren zien.
Was die noordwestelijke zijde best meegevallen, dan heb je voor de zuidoostelijke klim wel een prima conditie nodig. Als je vertrekt aan het rondpunt van Val de Villé, dat de D1059 met de D424 connecteert, zal je 900 hoogtemeters moeten overbruggen. Waarvan de laatste 10 km aan 7% gemiddeld. Dat is toch al het serieuze werk!
Die startplek is niet lukraak gekozen. Ze ligt in de vallei van de Lièpvrette, waar zich de voie verte, zeg maar de fietsostrade, van de Val d’Argent bevindt die Selestat met Sainte-Marie-aux-Mines verbindt. Séléstat is zo’n typisch wondermooi Elzasdorpje van vakwerkhuizen, zoals er in de buurt nog een pak liggen. Riquewihr, Ribeauvillé en Hunawihr, om er maar enkele te noemen. Sainte-Marie-aux-Mines is dan weer een ideaal vertrekpunt om cols als de Bonhomme, de Pré de Raves en de Brézouard (1.200 meter hoog, maar de laatste kilometers zijn onverhard) te verkennen.


Lucho Herrera
Soit, we volgen de D424 richting Villé en fietsen door de brede vallei van de Giessen. De weg helt nauwelijks merkbaar, maar het korrelige asfalt maakt dat dit 1e stuk van 5 km tot Thanvillé niet erg lekker loopt. Wanneer we na 10 km Villé hebben bereikt, hebben we 80 meter hoogte gewonnen, da’s dus niks. We vervolgen onze weg tot Saint-Martin, waar we rechts de D425 nemen, ook wel de Rue du Hohwald genaamd. Hier begint de col pas echt. Tot het volgende dorpje Breitenbach, anderhalve km verder, kunnen we met 4% al wat klimritme opbouwen. Maar na dit laatste dorp geeft een allereerste haarspeldbocht aan dat het menens wordt. Onze fietscomputer geeft nu 7% aan. We rijden het loofbos in en stellen tevreden vast dat de klim zich heel egaal aan die 7% houdt. We hebben een versnelling gekozen die onze pedaaltred aan 85 à 90 omwentelingen per minuut houdt en weten dat we dit uren kunnen volhouden.
Na 18 km en een 3e haarspeldbocht gaat de D425 scherp rechts, richting Col du Kreuzweg (773 m). Maar wij fietsen rechtdoor, de D57 op. De weg blijft gestaag aan 7% hellen tot het punt waar we zo’n 20 km op de teller hebben. Daar wordt de klim toch nog ietsje steiler. We naderen de Col de la Charbonnière (956m), een soort van ‘tussencol’ op weg naar ons hoger doel. We weerstaan aan de verleiding om op het terras van de gelijknamige Auberge neer te ploffen en gaan rechts de D214 op. Hier begint de finale, want de top wacht op 2 km! Heb je nog overschot en ben je in gezelschap, dan is dit het moment om je demarrage te plaatsen. We krijgen een laatste stuk van 8%, waarna de klim lichtjes afvlakt. Tot we de herkenbare observatiepost na een laatste bocht recht voor ons uit zien!
Die Champ du Feu is dus echt geen doetje . Wie hier boven komt, mag zich even Luis ‘Lucho’ Herrera wanen, die hier in de Tour van 1985 als 1e bovenkwam en zo zijn leidersplaats in het bergklassement versterkte. Hij zou de bolletjestrui dat jaar ook mee naar Colombia nemen.
Doe mee aan de winactie en haal de Race Saddle Bag (S) in huis. Schrijf je simpelweg in op de nieuwsbrief van SKS om up-to-date te blijven en krijg er gratis eentje opgestuurd. Deze actie loopt tot en met 15 december 2025. De winnaar wordt persoonlijk verwittigd.
