
Elke wielertoerist die naar de Vogezen afreist, heeft wellicht 1 van de ‘ballons’ op het programma: de ‘Ballon d’Alsace’, de ‘Grand Ballon’, de ‘Petit ballon’ – die veel zwaarder is dan zijn naam laat vermoeden – of de ‘Ballon de Servrance’. Die laatste zat de voorbije jaren telkens in de Granfondo ‘Les 3 Ballons’, die aankomt op La Planche des Belles Filles. Daarom dus ook geen onbekende meer. Wél een onbekende voor je bucketlist (als je in de buurt bent): de Tête du Rouge Gazon.


Fantastische klim
De voet van de klim bevindt zich in Saint-Maurice-sur-Moselle, op 450 km van Brussel. Zoals je aan de naam van het dorp kunt afleiden, bevinden we ons hier in de vallei van de Moezel. De bron van die ook bij ons bekende rivier ligt hier amper 8 km verder op de top van de 727 meter hoge Col de Bussang. Vroeger meden we die col als de pest vanwege het heel drukke verkeer op de N66, maar sinds enkele jaren ligt er parallel een uitstekende voie verte.
Saint-Maurice is trouwens ook de voet van de noordkant van de Ballon d’Alsace. Het was deze klim waar Eddy Merckx in 1969 zijn allereerste Tourrit won en de concurrentie degradeerde. De Spaanse klimmer Galera kon hem het dichtst benaderen op 1 minuut, Rudy Altig moest als 3e reeds 2 minuten prijsgeven en Roger De Vlaeminck won op 4’16” de spurt voor de 4e plaats. In datzelfde groepje konden Jan Janssen, Felice Gimondi, Roger Pingeon, Raymond Poulidor en Lucien Van Impe hun ambities meteen opbergen. Merckx zou zijn 1e Tour finaal winnen met meer dan 17 minuten voorsprong.
Op de Tête du Rouge Gazon is nooit een Tourrit gearriveerd. Het skistationnetje dat op de top lag, was te bescheiden. En door de klimaatopwarming zijn de skistations in de Vogezen intussen nog zelden open, laat staan volop commercieel geëxploiteerd. Bovendien is de klim geen echte col. De D90 die we straks zullen volgen, loopt dood aan het hotelletje ‘Le Rouge Gazon’. Maar dat maakt net dat de klim zéér rustig is, want gespaard van doorgaand verkeer. We kunnen des te meer genieten van landschap, fauna en flora!



Wie doet het geitenpad?
Als we op de N66 het beekje l’Agne overrijden, slaan we de D90 in. Het bordje ‘Le Rouge Gazon 11’ laat er geen twijfel over bestaan. We fietsen langs de kerk, op onze linkerzijde, en moeten meteen terugschakelen. Want het gaat al fluks omhoog. Het asfalt is korrelig en dat zal de hele weg zo blijven, wat maakt dat de klim zwaarder wordt dan de stijgingspercentages doen vermoeden. Bovendien is de klim zeer onregelmatig, waardoor het moeilijk is om in je klimritme te komen.
Tot de top zullen we tientallen keren moeten schakelen en zéér regelmatig op de trappers moeten lopen. Iets waar we een hekel aan hebben. De grafieken die je van de klim vindt op ‘Climbfinder’ of ‘Cyclingcols’ vlakken die korte steile stukken per kilometer tot een gemiddelde af, waardoor je de neiging zou hebben om de klim te onderschatten. Je bent bij deze dus gewaarschuwd!
Intussen hebben we de dorpskern verlaten en is de helling afgezwakt naar iets wat eerder het predicaat ‘vals plat’ verdient. We fietsen gezapig tussen de weiden van een valleitje gevormd door l’Agne. Dit deel is nog bewoond, we passeren vooral grotere boerderijen en enkele houtzagerijen. Wanneer we het gehucht ‘Les Charbonniers’ (kolenhandelaars) bereiken, wordt de klim wat ernstiger. Onze aandacht wordt getrokken door een piepkleine vijver waar tot onze verbazing een ‘pedalo’ ligt aangemeerd. 3 keer trappen en je bent aan de overkant. Onze verbazing wordt nog groter als we bij een volgende kleine vijver een kano aan wal zien liggen. Vreemde jongens, die kolenhandelaars.
Na 4 km komen we aan een splitsing. Wij moeten links aanhouden, de D90 verder volgend. Wie rechts inslaat, zou ook de top bereiken via een ‘route forestière’, maar dat is veeleer een geitenpad dat met de koersfiets niet te doen is.



Bloedige gevechten
De weg gaat met een linkse bocht van het vredige dalletje weg. We schrikken, want nu wordt het plots wel heel steil. De helling dwingt ons uit het zadel, maar gelukkig is het maar voor even. We krijgen nu een rechts stuk van een halve km tot de 1e echte haarspeldbocht. Vanaf nu wordt het weer menens en wijst onze fietscomputer percentages van meer dan 7% aan. Rechts kunnen we door de bomen neerkijken op de weg waar we enkele minuten geleden nog klauterden.
We nemen een wijde linkse bocht en fietsen langs een rotsige flank. Opletten, want hier vallen regelmatig wel wat brokstukken naar beneden. Het blijft flink omhoog gaan. 7 km na de voet vlakt de klim af. Sterker nog, we krijgen een stukje afdaling. Dat hadden we niet op de grafiek gezien, dus weten we dat er binnen dezelfde kilometer nog een steil stuk komt. Dat is in deze niet anders, dus moeten we nogmaals terugschakelen.
We fietsen een bord voorbij dat aangeeft dat we de 1.000 meter grens zijn gepasseerd. We moeten nog een kleine 100m hoger en 2 km verder. We verlaten het bos en zien rechts voor ons het hotel-restaurant Rouge Gazon en de skipistes tussen de bergweides. De finale 2 km van de klim zijn niet meer zo steil, dus kunnen we genieten van het landschap. Anders dan je zou verwachten, kleuren de weides niet rood. De naam verwijst naar de bloedige gevechten die hier in WOI plaatsvonden.
We nemen even de tijd om te genieten op het terras van de Auberge en vatten dan de afdaling aan.
Doe mee aan de winactie en haal de Race Saddle Bag (S) in huis. Schrijf je simpelweg in op de nieuwsbrief van SKS om up-to-date te blijven en krijg er gratis eentje opgestuurd. Deze actie loopt tot en met 15 december 2025. De winnaar wordt persoonlijk verwittigd. (Meer info)
