
Eind maart 2026 kwam Amber Aernouts met slecht nieuws. De blessure aan haar liesslagader was na meerdere pogingen niet meer te verhelpen. Haar sportieve carrière zit erop. Niet veel later toont ze opnieuw haar weerbaarheid. Aernouts blijft niet bij de pakken zitten en wordt binnenkort ploegleidster bij Acrog-Tormans, de ploeg waar het voor haar allemaal begon.

Jan Thijs
“Een nachtmerrie die werkelijkheid wordt.” Met die veelzeggende woorden kopte Amber Aernouts haar laatste post op sociale media. De renster uit Rijkevorsel leefde voor haar sport. “Alles in mijn leven draaide rond het fietsen. Alles was daar op ingespeeld. Alles wat ik deed, was in functie van de koers”, vertelt Aernouts met een krop in de keel. Ze beschikt over een stalen mentaliteit en wilskracht waar velen jaloers op zijn, maar haar lichaam wilde niet mee.
Aernouts wordt namelijk al jarenlang geteisterd door hardnekkige blessures. Meer dan 4 jaar lang fietste ze rond met een verstikkende pijn en krachtverlies in haar been. Handenvol consultaties en ingrepen passeerden de revue, zonder een definitieve oplossing. Ook Aernouts werd slachtoffer van een vernauwde liesslagader, die keer op keer terugkeerde. Die blessure is intussen uitgegroeid tot het zwarte beest van het wielerpeloton. Het is een verdomde kwetsuur die de koers in een houdgreep heeft.
De renster maakte het nieuws bekend op 26 maart, maar een oude bekende kwam meteen op de proppen met een nieuwe uitdaging. “Mijn verhaal verscheen ook in de krant. Ik werd nadien eigenlijk meteen gebeld door Jan Thijs van Acrog-Tormans”, aldus Aernouts. “‘Heb je geen interesse om bij ons iets te komen doen’, vroeg hij. Ik ben daar op ingegaan, mede omdat ik bij hen ben beginnen koersen.” Zo snel een nieuw project omarmen, het toont nog maar eens de mentale sterkte van Aernouts.


Stijn Schildermans
“Dat was een opluchting, oprecht. Wat zou ik anders doen, de hele dag in de zetel zitten? Dat is niets voor mij”, zegt ze. “Ik ga een opleiding tot ploegleidster volgen. Op dit moment geef ik vooral tips tijdens de trainingen. Dat deed ik ook tijdens de stage in de paasvakantie. Dat bezig zijn maakt dat ik me minder ongelukkig voel dan anders het geval geweest zou zijn.”
Acrog-Tormans is een naam als een klok in het Belgische wielerlandschap. Namen als Ludo Dierckxsens, Tom Boonen en Remco Evenepoel trokken het tenue van de ploeg aan. Bij de vrouwen is de grootste naam Zoe Bäckstedt. Aernouts zal nu als ploegleidster van de nieuwelingen en junioren bij de meisjes een nieuwe generatie toptalenten proberen klaar te stomen. Dat zal ze doen aan de zijde van Stijn Schildermans, die al enkele jaren de lijnen uitzet bij die categorieën. De komende weken zijn alvast goed gevuld met belangrijke wedstrijden. “Het BK Tijdrijden op 1 mei komt er snel aan. Nadien trekken we naar In Flanders Fields en Luik-Bastenaken-Luik op 9 en 10 mei.”
Een terugkeer naar het oude nest dus voor Aernouts. “Ik begon als juniore met koersen en kwam bij Balen terecht. Dat waren de leukste jaren die ik op de fiets heb gehad”, vertelt ze. “Ook als belofte had ik het naar mijn zin, maar bij de junioren van Acrog-Tormans hing toch een bijzondere sfeer. Ik heb daar ook ongelooflijk veel geleerd. Dan hoop ik voor mijn rensters hetzelfde te kunnen doen: hen een leuke periode bezorgen waarop ze later met een goed gevoel terugkijken.”


Liesbet De Vocht
Aernouts had tijdens haar carrière een heel nauwe band met haar trainer Liesbet De Vocht. Naar eigen zeggen voelde De Vocht bijna aan als een grote zus. “De band tussen Liesbet en mij is echt heel speciaal. Zoiets kan je niet met elke renner hebben en dat hoeft ook helemaal niet”, vertelt Aernouts. “Wij praten ook heel veel over dingen naast de koers. Ik wil natuurlijk wel dat de meisjes van de ploeg zich goed voelen en dat ze weten dat ze altijd terecht kunnen bij mij. Het is ongelooflijk belangrijk dat ze mentaal goed in hun vel zitten, anders kunnen ze ook niet gelukkig zijn op de fiets.”
Haar rol als ploegleidster lijkt de Rijkevorselse voorlopig goed te liggen. Over plannen op de lange termijn heeft ze echter nog niet veel nagedacht. Daarvoor is de pijn op dit moment nog te groot. “Het is momenteel heel moeilijk in te schatten wat ik ga doen. Ik wil het bekijken van dag tot dag, kijken wat er op mijn pad komt en op die manier zien wat de toekomst brengt. Op dit moment hoop ik vooral dat ik mijn rol als ploegleidster bij de meisjes goed kan uitvoeren. De rest zullen we dan wel zien.”
