Een optimistische Lars Craps staat aan de vooravond van een nieuwe revalidatieperiode. De 24-jarige renner van Lotto-Intermarché ging woensdag 4 februari 2026 onder het mes voor een blessure die hem akelig bekend voorkomt. Net als vorig jaar is het verdict een frictiesyndroom aan de knie. Toen de linker-, nu de rechterknie. De timing is pijnlijk, net nu hij met een topgevoel de winter uitkwam. Toch weigert Craps bij de pakken neer te zitten. “Dit doet enorm veel pijn, maar in mei wil ik terug koersen.”


2 stappen achteruit
De operatie vond plaats in Herentals, uitgevoerd door dokter Mertens onder het toeziend oog van de vermaarde dokter Toon Claes. Het probleem is identiek aan dat van vorig jaar, toen hij moest opgeven in de UAE Tour. “Het is een pré-patellair frictiesyndroom, wat ze ook wel de wielrennersknie noemen”, legt Craps uit. “Het is louter de wrijving van de pees over de knieschijf bij het strekken en plooien die voor irritatie en ontstekingen zorgt. En daardoor ook pijn.”
De ingreep zelf is bijna een garantie op succes, maar de gevolgen zijn desondanks groot. De revalidatie schrijft 4 weken absolute fietsrust voor om de frictie geen kans te geven terug te keren. “Het vervelendste is dat je een enorme conditionele achterstand oploopt”, sakkert Craps. “Zeker omdat je voor de operatie ook al wat stil hebt gelegen. De knie zelf vormt na verloop van tijd geen probleem meer, maar het zijn de weken zonder fiets die doorwegen.”
Vorig jaar 2025 kostte de blessure hem 4 maanden van zijn seizoen. Een zware dobber in zijn 1e jaar bij de ploeg. “Dat deed natuurlijk enorm veel pijn om al die mooie koersen te missen”, blikt hij terug. De frustratie is nu misschien nog groter. Na een sterke Vuelta en een uitstekende winter voelde Craps dat hij klaar was om een serieuze stap voorwaarts te zetten. “Ik merk echt dat mijn niveau enorm is gestegen. Dat doet misschien wel het meeste pijn, dat ik die positieve ontwikkeling niet kan doorzetten. Ik had gehoopt om 2 stappen vooruit te zetten, en nu zet ik er in 1e instantie 2 achteruit.”


De motor van de Vuelta
Toch overheerst de hoop. Waar hij vorig jaar pas eind juni zijn comeback maakte op het BK Tijdrijden, mikt hij nu op een rentree in mei. “Ik wil me daar nu niet op vastpinnen, maar dat is toch al 2 maanden vroeger dan de vorige keer. Ik denk dat dat zal volstaan om opnieuw een hoog niveau te bereiken dit seizoen.” Een specifieke comeback-koers is er nog niet. De focus ligt volledig op herstel.
De sterke prestaties in de Ronde van Spanje vorig jaar dienen nu als mentale brandstof. Craps toonde er zich 3 keer in de aanval en sprintte in de 12e etappe zelfs voor een 4e plaats. “Dat is nog altijd een enorme ontgoocheling dat ik daar geen top 10 rijd, maar die hele Vuelta heeft mij extra power gegeven”, vertelt hij overtuigd. “Ik heb daar ontdekt wat ik graag doe en in de toekomst wil blijven doen. Grote Rondes rijden en daarin meewerken in de sprinttrein, kopmannen ondersteunen en in overgangsetappes meedoen voor de ritwinst. Dat is een mooi evenwicht.”
Een duidelijke oorzaak voor de nieuwe blessure is er niet. “Dat is op dit moment nog een onbeantwoorde vraag”, geeft Craps toe. “Het kan verklaard worden door een soort gevoeligheid. Dokter Claes gaf aan dat het niet de 1e keer is dat hij ziet dat na een operatie aan de linkse knie, ook de rechtse moet aangepakt worden.” Met een kwinkslag voegt hij eraan toe: “Ik heb maar 2 knieën, dus voor de rest van mijn carrière ben ik er nu vanaf.”


Thesis en transformatie
Stilzitten zal Craps de komende weken niet doen. Naast zijn revalidatie, die hij langzaamaan kan opbouwen met zwemmen en krachttraining, wacht er nog een andere deadline. “Ik studeer nog Economie, Recht en Bedrijfskunde aan de KU Leuven en moet mijn thesis nog afwerken.” Het onderwerp? “Superdividenden. Iets helemaal anders dan de koers”, lacht hij.
De gedwongen rustperiode brengt hem ook dichter bij huis. “Normaal zit je als renner in deze periode veel in het buitenland en nu komt er elke dag wel iemand van familie of vrienden over de vloer. Dat doet veel deugd.” Ondanks de fysieke tegenslag, die midden januari op de 2e ploegstage de kop opstak, is hij vol lof over zijn team. “Vanaf het 1e moment op de ploegstage in december had ik een heel positief gevoel. De performancestaf van Lotto-Intermarché is echt zeer hoog niveau. Dat is belangrijk voor een renner, dus ik ben supertevreden bij de ploeg.”