Arne Santy heeft in Westrozebeke de 1e profkermiskoers uit zijn carrière op zijn naam geschreven. De renner van Tarteletto-Isorex bekroonde daarmee een perfecte teamprestatie en nam zo sportieve wraak na een wisselvallige periode met ziekte. “Het is de bevestiging dat ik weer goed bezig ben”, vertelt hij. “Koersen bij Tarteletto heeft me als renner al erg veel bijgebracht.”


Nooit in de verdrukking
De kermiskoers in Westrozebeke verliep exact volgens het stramien van dit soort lokale wedstrijden. Vanaf het allereerste startschot lag het tempo ongekend hoog en werd het peloton direct op een lint getrokken. Santy voelde echter meteen dat zijn benen uitstekend reageerden op de hoge snelheden. “Vanaf de start ging de gas erop”, blikt de winnaar uit Geluwe tevreden terug. “Ik voelde al snel in de wedstrijd dat ik echt een heel goed gevoel had.”
Tarteletto-Isorex nam de wedstrijd al vroeg in handen, domineerde de koers en behield continu de controle over de ontsnappingen. Santy werd in de finale perfect in stelling gebracht door het voorbereidende werk van zijn ploegmaats Gianni Marchand en Lennert Teugels. “We hebben met de ploeg echt perfect gekoerst, zijn nooit in de verdrukking gekomen en hebben de koers kunnen maken door geregeld een ontsnapping op poten te zetten. Op het einde was het de bedoeling om om de beurt aan te vallen en mij te sparen voor de sprint.”
Die tactiek werkte feilloos in de praktijk. Santy begon in ideale positie aan de slotkilometer en rondde het voorbereidende werk succesvol af door de sprint van een beperkte elitegroep te winnen. Deze primeur is niet alleen voor hem persoonlijk een opsteker, maar ook voor zijn werkgever. “Een profkermiskoers winnen brengt toch altijd weer wat publiciteit met zich mee”, legt hij uit. “Voor de sponsors is het leuk dat we extra in beeld komen. Zeker in West-Vlaanderen is dat cruciaal, omdat er toch wel een heel aantal renners van hier in onze ploeg zitten.”


Eindelijk bevestiging
Deze zege betekent een belangrijk keerpunt in Santy zijn wisselvallige seizoen. Het jaar begon nochtans veelbelovend met een knappe 2e plaats in de Pune Grand Tour rittenkoers India, maar kende al vrij snel een zware terugval tijdens de Vlaamse voorjaarsklassiekers. “Ik heb wel wat pech gekend in die periode”, vertelt hij. “In Nokere en Monseré ben ik hard gevallen. Na 2 valpartijen na elkaar was het vertrouwen wel volledig weg. Ik wilde geen onnodige risico’s meer nemen en dan is het niet simpel om die mentale klik terug te maken.”
Na een knappe heropleving met een klinkende ritzege en meerdere opeenvolgende podiumplaatsen in de Ronde van Algerije, sloeg het sportieve noodlot opnieuw ongenadig toe. Santy werd flink ziek. Hij forceerde zijn fysieke terugkeer om te kunnen starten in de Baloise Belgium Tour, wat volledig averechts bleek te werken. “Die is echt op niets uitgedraaid. Het was enkel maar aanklampen, ik had nooit echt goede benen. De laatste nacht ben ik wakker geworden met een ziek gevoel, ik had amper geslapen en maakte koorts.”
Santy gooide zijn fiets daarna 10 dagen in de schuur en dat bracht de broodnodige redding. Na die rustperiode werkte hij in alle stilte hard om zijn oude niveau te benaderen. De lokale kermiskoersen, waar hij van nature altijd al veel plezier uit haalde, bleken de ideale voedingsbodem voor zijn comeback. “Als je echt in orde bent en goed in vorm steekt, kan je in die superlastige profkermiskoersen mee de koers bepalen. Het was gewoon tijd dat ik eindelijk bevestiging kreeg dat al het harde werk effectief heeft geloond.”


Koersinzicht boven data
Santy is momenteel bezig aan zijn 3e opeenvolgende seizoen in loondienst bij Tarteletto-Isorex. Deze periode heeft hem naar eigen zeggen gevormd tot een veel completere en meer volwassen renner. Hij roemt vooral de kansen die hij binnen het team krijgt om wereldwijd te koersen en onvergetelijke herinneringen op te bouwen. Op de kritische vraag of een sportieve stap hogerop nog tot de mogelijkheden behoort, blijft hij realistisch over de huidige tendens in het profpeloton.
Hij uit onomwonden zijn kritiek op de hedendaagse absolute fixatie op data en statistieken bij de grotere wielerploegen. “In de huidige ploegencrisis is het zeker en vast niet simpel om ergens nog een contract te tekenen. De dag van vandaag zijn ze enkel maar verzot op waardes en wattages. Ik heb absoluut niet de beste waardes om voor te leggen. Maar ik denk dat ik wel de resultaten rijd die andere renners met veel betere waardes simpelweg niet behalen. Ik heb misschien meer tactisch koersinzicht en weet perfect wat ik kan. Met beperkte middelen kan je jezelf dan heel vaak behelpen in finales.”
Een jaarlijks aflopend contract deert hem persoonlijk geenszins. “Het houdt me scherp en de dagelijkse verstandhouding met manager Peter Bauwens is optimaal. Als volwaardig profrenner hoef ik me bovendien uitsluitend op de sport te concentreren. Ik vind dat contract van jaar tot jaar dus totaal niet lastig. Als je presteert, word je beloond. En anders krijg je een schop onder de kont.”