Jesse Meers is Belgisch recordhouder halve Everesting. Eind april 2024 koos hij voor Les Enclaves, een steile klim in de buurt van Bouillon, om z’n recordpoging te ondernemen. Voor 4.571 hoogtemeters had hij 4 uur, 7 minuten en 8 seconden nodig. Of hij ooit voor een volledige (8.848 meter) gaat, is twijfelachtig. De 23-jarige student hoopt ooit als trainer aan de slag te gaan bij een profploeg.


Yarno Van Herck
Waarom ging Jesse Meers, student Lichamelijke Opvoeding uit Steenokkerzeel, op zoek naar zo’n record? Als jeugdrenner (U17 en U19) heeft hij een verleden bij de Mechelse Dijlespurters. Dit jaar 2024 schoof hij competitie opzij om zich te concentreren op z’n studies én z’n werk als trainer van jonge renners. Hij werkt met onder meer Luca Vierstraete, kersvers West-Vlaams juniorenkampioen Wout Hemeryck, Yarno Van Herck, Victor Delbarge en Louis Vandenbroucke.
“Zelf koersen is wat weggevallen, ik heb dit jaar zelfs geen vergunning”, verduidelijkt Jesse Meers. “Ieder weekeinde ga ik nu naar koersen kijken. Om de renners te volgen die ik train. Ik heb wel nog zin om zelf iets te presteren, iets wat op competitie lijkt. Everesting kwam ik tegen op Facebook of Instagram, dat weet ik niet zo goed meer. Het leek me wel iets. Dus ging ik mijn kans.”
Net als Sieben De Valckeneer – die verpulverde in 2021 het Belgisch record volledige Everesting – koos Jesse Meers voor Les Enclaves, een helling in de vallei van de Semois met een gemiddelde stijgingsgraad van 13,6%. “Die klim is heel steil, waardoor je meer kans hebt om een record te breken”, gaat de Vlaams-Brabander verder. “De afdaling gaat rechtdoor naar beneden waardoor je weinig tijd verliest. Het is een rustig weggetje, weinig verkeer, want veiligheid primeert bij mij. Ik koos voor een gewone koersfiets, niet uitgebouwd, en koos voor een licht verzet: 36×30.”


Slechts 65 kg
Meers probeerde zich in een periode van 8 weken voor te bereiden op deze recordpoging. “In Couvin reed ik met een dagvergunning bij de Elite 3 een klimkoers”, verwijst hij naar z’n 3e plaats na winnaar Auxence Buntinx en Yanis Devoldere. “Dat was een aanwijzing dat het met mijn conditie de goeie richting uitging. Voor zo’n recordpoging heb je geen wedstrijdritme nodig. Je moet gewoon de klim op en af. Zo moet je aan de vereiste hoogtemeters geraken.”
“Hoeveel Watt je moet duwen, daar bestaan berekeningen over. Ik kwam op 280 Watt uit en testte dat uit. Het bleek te kloppen. Maar in het begin van mijn recordpoging zat ik meteen aan 310 Watt. Snel besefte ik dat een volledige Everesting te hoog gemikt was. Nochtans zat de volledige in mijn achterhoofd, qua voeding was ik daarop voorbereid, maar dat voornemen liet ik varen.”
Het Belgisch record – volgens de regels van de Everesting moet je dat vestigen op een klim in eigen land – over de halve afstand lukte wel. Meers reed Les Enclaves 40 keer op en af. Voor het record volstond 34 maal. “Ik twijfel of ik de volledige afstand ooit zal proberen”, geeft hij toe. “Ik ben 1m90 en woog op het moment van de recordpoging 65 kg. Ik stond heel licht door gezonder te eten, op calorieën te letten en 8 weken intensief te trainen. Op den duur was dat niet aangenaam meer. Ik vermoed dat ik na de examens weer gewoon wat kermiskoersen zal rijden.”



Naar profteam
En vooral z’n taak als trainer ter harte zal nemen. “Loïc Segaert, nu trainer bij Bahrain Victorious, zocht iemand om mee samen te werken en kwam bij mij uit”, verduidelijkt Meers. “Een kans die ik met beide handen greep. Loïc volgt het nog altijd op, maar ik probeer even goed te doen als hem. Ik ben nog bezig aan mijn Masteropleiding Lichamelijke Opvoeding en zit in Leuven op kot. Naar alle waarschijnlijkheid zal ik deze studies afronden in Brussel. Omdat ze daar een extra deel Voeding geven. Dat is heel belangrijk aan het worden. Ook bij de jeugd. Junioren moeten erop voorbereid zijn. Als trainer wil ik daar ook iets over kunnen zeggen.”
Jesse Meers hoopt het voorbeeld van Segaert – via Sport Vlaanderen-Baloise en Lotto Dstny promoveerde hij naar Bahrain Victorious – te volgen. “Als trainer hoop ik door te groeien”, geeft hij eerlijk toe. “Het is tof om met enkele jeugdige toppers te mogen werken. Op termijn hoop ik bij een profploeg te kunnen werken. Jawel, in de voetsporen van Loïc treden, dat is het opzet.”
En deze zomer 2024 ook weer een beetje koersen in het shirt van het Degero Cycling Team. “Een ploeg opgericht door Niels Behots, ook een gewezen Dijlespurter”, verduidelijkt Meers. “Het is zelfs geen officieel geregistreerde club. Een truitje met de sponsor erop: bij de Elite 3 en Amateurs kan dat. We zijn ook maar met 5.”
