
Het wielerjaar 2025 gaat zijn laatste rechte lijn in. Axel Merckx, sportdirecteur bij Hagens Berman Jayco, kijkt voor WielerVerhaal terug op een jaar dat sportief beter kon maar ook niet helemaal slecht was. Er was de Giro-ritzege van Adam Rafferty, maar de ploeg verloor in die Giro ook renner Samuele Privitera na een zware crash. “We moeten vooruit, maar sommige dingen draag je altijd mee.”


Seizoen van gemengde gevoelens
“Alles is belangrijk, maar zeker een koers zoals vandaag”, opent Axel Merckx als het gaat over de laatste wedstrijden van het jaar. We staan aan de start van de GP Rik Van Looy en het seizoenslot in ingezet. Voor de Vlaams-Brabander is het einde van het seizoen geen afbouwfase, maar een kans voor jonge renners om zich nog een paar keer te tonen. “Het is een mooie ervaring voor de jongens en een gelegenheid om te proberen een uitslag te rijden.”
Terugblikkend op het sportieve jaar is de Belg genuanceerd. “Ik mag niet zeggen dat het een superslecht seizoen geweest is. We reden met Adam Rafferty naar dagwinst in de Giro, dat was een hoofddoel. Het kan altijd beter – we hebben al sterkere jaren gekend, maar ook slechtere. Al bij al is het op sportief vlak meer positief dan negatief.”
Binnen de ploeg zette een aantal renners duidelijke stappen. Merckx noemt expliciet Ben Wiggins (de zoon van Sir Bradley, red) en Jesse Kramer. “Wiggins heeft zich verder ontwikkeld en Kramer heeft mooie resultaten gereden. Dat zijn jongens met toekomst.” Toch is hun contractuele situatie nog niet volledig rond. “Wiggins blijft waarschijnlijk bij ons. Die gesprekken gaan in de goede richting. Voor Kramer ligt het iets anders, dat is intern al besproken. Hij is geen belofte meer volgend jaar 2026 en de afspraak was dat hij dit jaar nog bij ons mocht rijden. Hopelijk vindt hij een plek bij ons of bij een ander profteam.”



Tragische wending
Ook andere namen maken de sprong omhoog. Zo verkast Hamish McKenzie naar hoofdmacht Jayco-AlUla. “Dat is een bewijs dat onze opleiding zijn vruchten afwerpt”, vindt Merckx. “Maar niet iedereen is al klaar voor die stap. Niet elke renner haalt dat niveau, dat is ook normaal. McKenzie is dan ook de enige die deze stap deze winter maakt.”
Het seizoen kreeg een tragische wending tijdens de Giro Next Gen, nog voor Rafferty er won. De ploeg werd zwaar getroffen door het dramatisch incident met de 19-jarige Samuele Privitera. Merckx spreekt er nog altijd met zichtbare emotie over. “We dragen dat nog steeds mee, ja. Het was een slag in ons gezicht, voor de ganse ploeg. Zulke momenten blijven je achtervolgen. Het zit ook nog vers in het geheugen, dat doet pijn.”
Hoe verwerk je dat als team? “We moeten voort, het kan niet anders. Maar het is toch iets dat je bijblijft. Het is de 2e keer dat zoiets in mijn ploeg gebeurt. Je doet er alles aan om het zo veilig mogelijk te houden, maar je hebt niet alles in handen. Als je dan iemand verliest, blijft dat enorm zwaar. De impact is voelbaar, ook op het gedrag van onze renners. Sommigen hebben er nog moeite mee. Niet alleen bij ons, maar ook in andere ploegen die erbij waren. Ze denken 2 keer na voor ze risico’s nemen. Dat maakt het moeilijk, want wielrennen blijft een sport van grenzen opzoeken.”



Meer middelen beschikbaar
Naast sportieve prestaties en tegenslagen is er ook goed nieuws voor de Amerikaanse formatie. De samenwerking met WorldTour-team Jayco-AlUla – waarbij Merckx’ team officiële opleidingsploeg is – biedt nieuwe mogelijkheden. “Het wordt gewoon groter”, legt hij uit. “We hebben veel steun: een nutritionist, ploegarts, trainer… dat maakt het aantrekkelijk voor renners. Je ziet dat de opleidingscategorieën aan het evolueren zijn en wij moeten mee.”
Volgens Merckx is de samenwerking wederzijds voordelig. “Jayco zocht een belofteploeg, en wij hadden steun nodig. Zowel financieel als structureel. Dat geeft een fundament voor de toekomst. Ik denk dat dit voor beide partijen beter is en dat we zo talenten kunnen blijven ontwikkelen.”
Wat brengt 2026? “Voortbouwen op de basis. Groei kan altijd, maar we hebben nu een zeer goede fundering. We willen de samenwerking nog hechter maken: renners vaker uitwisselen, gezamenlijke trainingskampen, medische testen delen. Ook renners laten switchen of koersen op hoger niveau. Zo versterken we elkaar.”
Ondanks alles blijft de sportdirecteur positief. “We hebben moeilijke momenten gekend, maar ook stappen vooruit gezet. Het belangrijkste is dat we vooruitgaan en de jongens kansen krijgen. Dat blijft mijn missie.”
