WielerVerhaal
  • Disciplines
    • Weg
    • Veld
    • Gravel
    • Mountainbike
    • Baan
    • Para Cycling
    • Vrouwen
    • Mannen
  • Routes en hellingen
    • WielerVerhaal Fietsroutes
    • GPX Fietsroutes
    • Cols en Hellingen
  • Materiaal
    • Materiaal
    • Reviews
  • Nieuwsbrief
  • Leestips
  • Fotospecials
  • Extra
    • Blik onder de motorkap
    • WielerVerhaal Giveaway Winnaars
    • WielerVerhaal team
    • Boekenshop
    • Contact

Beste Fietscontentplatform 2026 – België

WielerVerhaal

Meer resultaten...

Generic selectors
Exact matches only
Search in title
Search in content
Post Type Selectors
WielerVerhaal
  • Disciplines
    • Weg
    • Veld
    • Gravel
    • Mountainbike
    • Baan
    • Para Cycling
    • Vrouwen
    • Mannen
  • Routes en hellingen
    • WielerVerhaal Fietsroutes
    • GPX Fietsroutes
    • Cols en Hellingen
  • Materiaal
    • Materiaal
    • Reviews
  • Nieuwsbrief
  • Leestips
  • Fotospecials
  • Extra
    • Blik onder de motorkap
    • WielerVerhaal Giveaway Winnaars
    • WielerVerhaal team
    • Boekenshop
    • Contact
  • Cols en Hellingen
  • GPX Fietsroutes
  • Zelf fietsen!
  • Col de Bussang
  • Col du Petit Drumont
  • Vogezen

4 dagen bikepacken langs de Moezel, tussen de Col du Petit Drumont en de Rijnmonding in Koblenz

  • Alex Polfliet
  • juli 22, 2026
  • 4 minute read

De voorbije decennia zijn er in Europa internationale langeafstandsfietsroutes ontwikkeld. De Noordzee-fietsroute volgt onder meer onze Belgische kust. De Rijn kan je van bron tot mondig volgen. Idem met de Maas of de Loire. Op de website van Eurovelo.com vind je een pak inspiratie. Wij volgden de Moezel van Bussang tot Koblenz.

De bron van de Moezel bevindt zich in hartje Vogezen, boven op de Col du Petit Drumont. ‘Petit’ is een onterechte kwalificatie want in 4,7 km overwin je 432 hoogtemeters. Snelle rekenaars weten dat dit 9,2% gemiddeld is! Bovendien ligt de voet op de top van de Col de Bussang, een beklimming van nog eens 9 km. Meteen een tip voor Christian Prudhomme, de baas van ASO, die voor zijn Tour de France graag op zoek gaat naar steile aankomsten in de Vogezen zoals La Planche des Belles Filles en de Col du Haag die de renners dit jaar dienden te beklimmen.

Stel dat je dus de Moezel van monding naar bron volgt dan eindigt je 550 km lange fietstocht met die dodelijke klim. Reden te meer om de rivier dus stroomafwaarts te volgen. Een geoefend fietser zou dat in 4 dagen moeten kunnen.  

Etappe 1: Bussang-Nancy, 130 km

De fietsroute start aan het station van Bussang en volgt eerst een oude spoorlijn door de riviervallei. Het eerstvolgende dorp is Saint-Maurice-sur-Moselle, waar zich de voet van de Ballon d’Alsace bevindt. Maar da’s voor een andere keer. Wij volgen het perfect geasfalteerde en rustig gelegen pad tot we in Remiremont aankomen. Daar moeten we helaas een kleine 30 km langs gewone wegen verder, tot we Épinal bereiken. Maar alles staat prima aangeduid, dus we kunnen niet echt missen.

Épinal, een rustig provinciestadje, leent zich tot een 1e koffiepauze. Als we terug vertrekken, passeren we iets dat we enkel kennen van de Olympische Spelen: een kunstmatige wildwaterrivier waar kajakkers een soort van behendigheidsproef moeten uitvoeren. De Voie Bleu, zoals het fietspad langs de Moezel wordt genoemd, is hier eerst nog een grindpad, maar wordt gelukkig enkele kilometers verder toch weer behoorlijk asfalt. De hele verdere route blijft de staat van het wegdek behoorlijk tot goed.

Vanaf Épinal is de Moezel gekanaliseerd. Hier en daar werd de natuurlijke loop rechtgetrokken maar meestal is er gewoon een kanaal – bij deze het Canal de l’Est – dat parallel langs de rivier loopt. De fietsostrade volgt soms het kanaal, dan weer de natuurlijke loop. Tussen Épinal en Nancy zijn we getuige van heel wat vergane industriële panden. Zogenaamde urban explorers hebben hier een vette kluif aan. Zo’n 15 km voor onze 1e etappeplaats beleven we een unieke ervaring. Le Pont-Canal de Flavigny is een aquaduct die het kanaal én het fietspad over de Moezel leidt. Dat hadden we nog nooit eerder gezien, laat staan dat we erover gefietst hadden. Het geeft een beetje een akelig gevoel. Net voor Nancy maakt de Moezel via Toul een heel grote bocht. Maar wij snijden af via het Canal de Jonction. In Nancy vergapen we ons aan de prachtige Place Stanislas en zoeken we een plek voor de nacht.

Etappe 2: Nancy-Remich, 150 km

150 km lijkt veel, maar aangezien we zo goed als nooit op de openbare weg moeten, hoeven we ook nauwelijks te vertragen voor ander verkeer. Stroomafwaarts geeft ook het voordeel dat je gemiddeld lichtjes daalt. We halen dus makkelijk een gemiddelde snelheid van 28 km/u. En door enkele gerichte langere tussenstops kunnen we de rit eigenlijk makkelijk opdelen in 3 ritjes van om en bij de 50 km. Een 1e break nemen we in Metz, een prachtige middeleeuwse stad met leuke winkelwandelstraatjes en een prachtige kathedraal. Voor we daar aankomen, verbazen we ons over het Romeinse aquaduct van Gorze, gebouwd in de 2e eeuw. Zo dichtbij maar zo weinig bekend. Mensen rijden 1.000 km om de Pont du Gard te zien en rijden dit aquaduct onwetend voorbij!

In de namiddag houden we even halt in Thionville, een provinciestadje dat we enkel kennen van de autosnelweg die er dwars doorheen loopt. Blijkt dit eigenlijk een toeristische parel te zijn. Naast de typische Vauban-fortificaties is het er heel aangenaam om in de binnenstraatjes een drankje te nemen. We bevinden ons intussen in de grensstreek tussen Frankrijk, Duitsland en Luxemburg. Een felbevochten regio, zo merk je aan de vele kastelen, zoals dat van Sierck-Les-Bains. In Schengen komen we aan het drielandenpunt. De Moezelvallei wordt hier smaller want wurmt zich door het Eifelgebergte. De zuidelijke flanken zijn bezaaid met wijngaarden. In het Luxemburgse Remich, onze volgende pitstop, proeven we een glaasje sprankelende Elbling Moezelwijn.

Etappe 3 en 4: Remich-Bernkastel-Koblenz, 200 km

De nog resterende 200 km verlopen op Duitse bodem en splitsen we op in  2 gelijke delen met in het midden het schilderachtige dorpje Bernkastel-Kues. Het verdient inderdaad aanbeveling om op dit traject wat meer tijd te nemen en te genieten van de prachtige panorama’s, de talloze dorpjes van vakwerkhuizen, de wijndomeinen en de oude kasteelruïnes zoals die van Cochem. Om die kastelen van nabij te bekijken moet je wel telkens uit het dal klimmen. Een absolute must is een bezoekje aan Trier, met zijn Romeins amfitheater en Porta Nigra.

We hebben intussen al een paar 100 km op de teller en hebben mogen vaststellen dat het bikepacken in de lift zit. Vele tientallen lotgenoten zijn we gekruist, hebben we ingehaald of zijn ons voorbijgereden. Af en toe hebben we een kort gesprekje en iedereen is het er roerend over eens: de toeristische diensten hebben het fietstoerisme ontdekt. Enerzijds wordt de route goed onderhouden en staat ze perfect uitgepijld. Er staan langs de weg tientallen informatieve toeristische borden, er zijn honderden picknickplaatsen voorzien en onderhouden en er zijn voldoende campings en hotels om te overnachten. In het Duitse deel steken ze wat dat betreft nog een tandje bij. De route wordt nog comfortabeler en er zijn verschillende aftakkingen naar andere routes.

Na 4 dagen fietsen en genieten van al het moois dat de vallei van de Moezel te bieden heeft, bereiken we Koblenz, waar de rivier aan de Deutsche Eck uitmondt in de Rijn.


Lees meer artikels

Op zoek naar de Col du Haag, Vogezenscherprechter in de Tour de France 2026
LEES MEER

 

Le Grand Ventron in de Vogezen: omdat het wegdek te smal is, vormde de klim nooit het decor van een Touretappe
LEES MEER

 

La Tête du Rouge Gazon is onbekend pareltje in de Vogezen: wie durft het geitenpad te nemen?
LEES MEER

 

Share
Tweet
Share
Alex Polfliet

In zijn jeugdjaren (15 -19) was Alex een niet onverdienstelijk coureur. Maar niet goed genoeg om van een profbestaan te dromen. Hij stopte met competitiewielrennen, maar de liefde voor de fiets en de passie voor de koers bleef. Zo probeert hij elk jaar 10.000 km op zijn conto bij te schrijven. Exuberanter is zijn bucketlist: in zijn leven 500 verschillende cols opfietsen. Er resten hem nog 70 bergen om dat ultieme doel te kunnen afvinken. Alex was zowat de 1e die fietsgidsen schreef voor maniakale wielertoeristen die kicken op bergop rijden. Hij is auteur van ‘Fietsen in de Franse Alpen’, ‘Fietsen in de Pyreneeën’, ‘Fietsen in de Vogezen’, ‘Fietsen nabij de Italiaanse Meren’ en ‘Fietsen in het Zwarte Woud’. Ook schreef hij een boek over het veldrijden, ‘Kampioenen van het slijk’.



WielerVerhaal

Input your search keywords and press Enter.