Enzo Wouters is een van de vele talentrijke jongeren in de kweekvijver van het beloftenteam van Lotto Soudal. Hij heeft er een prima voorjaar opzitten. Van deze jonge kerel zullen we nog veel horen. Oordeelt u zelf maar.

De Dorpenomloop Rucphen was een koers die ik voor het seizoen met rood aangestipt had, maar nu na mijn knieproblemen zakte ik met een bang hartje af naar Rucphen. Verbazingwekkend eindigde ik in de eerste groep met een 40-tal renners die streden om de overwinning. Mentaal was dit een opsteker.
Mol-Sluis was de koers waar ik me vorig jaar voor het eerst in de kijker kon rijden. Dit jaar was ik erop gebrand om dit over te doen. Maar door één moment niet echt aandachtig te zijn, reed er een grote kopgroep weg. Achtervolgen was de boodschap, maar we kwamen te laat en dus moest ik tevreden zijn met een 31e plaats.

Van 1 tot 3 april stond de Tryptique des Monts et Chateaux op mijn programma. In de 1e etappe werd ik 17e. Tijdens de 2e etappe moesten we 4 keer over de Kluisberg; bij de 2e passage had een ploegmaat van mij materiaalpech, waardoor ik mijn wiel moest afgeven. Zo was een mooi klassement voor mij ook om zeep, al was ik niet echt met klassementsambities naar hier gekomen. Net omdat de volgende dag een tijdrit op het programma stond en dit niet echt mijn specialiteit is. In de namiddagrit – die uitdraaide op een sprint – werd ik 4e. De eerste echt goede uitslag van het seizoen was een feit.

Normaal stond op 15 en 16 april de ZLM Tour op het programma met de nationale ploeg. Jammer genoeg werd ik 3 dagen voordien ziek en moest ik forfait geven. Op 20 april hervatte ik het seizoen met een kermiskoers in Bever, waarin ik 17e werd. Daar kon ik tevreden mee zijn.

Amper 4 dagen na de Tour de Bretagne stond GP des Hauts-de-France al op het programma. Hierin zat ik mee in de kopgroep tot ik van fiets moest wisselen. Bij het te snel terugkeren na de fietswissel kwam ik ten val in een bocht. Gelukkig kwam ik er met schaafwonden vanaf, maar mijn wedstrijd was over.
“Na een snelle wedstrijd van meer dan 48km/h gemiddeld won ik voor Nils Pollit, de prof van Katusha”

Zaterdag 14 mei was er een kermiskoers gepland in Overijse. Van start tot finish reed ik in de aanval, enkel de laatste 5 km kon 1 renner nog wegrijden. Een 2e plaats was mijn lot. Amper 2 dagen later kon ik in de Cologne Classic revanche nemen op mijn 2e plaats van die zaterdag. Na een snelle wedstrijd van meer dan 48km/h gemiddeld won ik voor Nils Pollit, de prof van Katusha. Die zege was een serieuze opsteker.
In mei stond Parijs-Arras op de kalender. De 1e etappe ging over kasseien, iets dat me wel ligt. Jammer genoeg kwam alles op 25 km van de aankomst terug samen. In de sprint kon ik beslag leggen op de 8e plaats. De 2e rit was net iets te lastig voor mij en op 5 km van de aankomst heb ik het na mijn werk voor de ploeg laten belopen. De laatste rit werd vooral gekleurd door een snel eerste anderhalf uur. Door de regen bleven we slechts met een 45-tal renners over, 1 man kon nog wegrijden . Ik werd zelf 5e en was daar zeker tevreden mee.
Mijn volgende wedstrijd is Parijs-Roubaix U23, op zondag 29 mei 2016.

